Uitspraak
[minderjarige 1], geboren in [geboorteplaats 1] op [geboortedag 1] 2009, hierna te noemen [minderjarige 1] ;
[minderjarige 2], geboren in [geboorteplaats 2] op [geboortedag 2] 2010, hierna te noemen [minderjarige 2] ;
[minderjarige 3], geboren in [geboorteplaats 2] op [geboortedag 3] 2013, hierna te noemen [minderjarige 3] .
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De verzoeken
4.De beoordeling
10 juli 2026 tot en met 31 juli 2026 af te reizen naar [plaats 3] , meer specifiek [locatie] , om daar met de minderjarigen te verblijven voor vakantie en het bezoeken van familie. Daarbij zijn partijen met elkaar overeengekomen dat de vrouw verantwoordelijk is voor de heenreis van de minderjarigen naar [plaats 3] en de terugreis van de minderjarigen naar Nederland en dat zij de kosten van de vliegtickets van de minderjarigen geheel zelf draagt.
18 april 2026 tot en met 3 mei 2026 enkel betrekking heeft op [minderjarige 2] . De vrouw heeft namelijk geen bezwaren aangevoerd ten aanzien van een verblijf van [minderjarige 1] en [minderjarige 3] in [plaats 3] in voormelde periode.
5.De beslissing
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.