Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:2452

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
2 maart 2026
Publicatiedatum
2 april 2026
Zaaknummer
C/02/445002 / FA RK 26-768
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Weerkamp
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij psychotische stoornis

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 2 maart 2026 een zorgmachtiging verleend aan een 20-jarige man met een complexe psychiatrische problematiek, waaronder schizofreniespectrumstoornis, autismespectrumstoornis en verslavingsstoornissen. De machtiging geldt voor de duur van twaalf maanden en maakt verplichte zorg mogelijk.

De betrokkene werkt momenteel vrijwillig mee aan zijn behandeling en staat achter de aanvraag, maar de rechtbank acht verplichte zorg noodzakelijk vanwege een recent heftig incident en de kwetsbaarheid van de vrijwilligheid, mede door middelengebruik. De stoornis veroorzaakt ernstig nadeel, zoals levensgevaar, ernstige psychische en lichamelijke schade, en bedreiging van de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

De toegewezen vormen van verplichte zorg omvatten medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, toezicht, onderzoeken aan persoon en woonruimte, en opname in een accommodatie. De rechtbank concludeert dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn en dat de maatregelen evenredig en effectief zijn, met aandacht voor het bevorderen van maatschappelijke participatie en veiligheid.

De beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken, met de mogelijkheid tot cassatie.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden met verplichte zorgmaatregelen om ernstig nadeel af te wenden.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/445002 / FA RK 26-768
Datum uitspraak: 2 maart 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 2005 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [woonplaats] ,
advocaat mr. S.J. Nijssen uit Goes.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 12 februari 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 2 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat, mr. Nijssen;
  • mevrouw [persoon] , begeleider van het FACT-team.

2.Wat vaststaat

2.1.
Door de rechtbank heeft op 8 september 2025 een zorgmachtiging verleend tot en met 8 maart 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene verklaart dat het goed met hem gaat. Hij neemt zijn medicatie en komt de afspraken met het FACT-team na. Ook gaat het thuis beter dan ooit en gaat de relatie tussen betrokkene en zijn moeder beter. Betrokkene geeft aan achter de aanvraag van de zorgmachtiging te staan.
4.2.
De begeleider van het FACT-team geeft tijdens de zitting aan dat het goed met betrokkene gaat en hij stappen vooruit maakt. Momenteel krijgt betrokkene medicatie middels depot en wordt er met betrokkene gezocht naar een baan. Een zorgmachtiging wordt noodzakelijk geacht omdat de vrijwilligheid van betrokkene nog erg pril is en er in december een heftig incident heeft plaatsgevonden.
4.3.
De advocaat verzoekt namens betrokkene toewijzing van het verzoek. Betrokkene staat achter de aanvraag en hij wil niet meer terug naar de situatie in december.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten schizofreniespectrum- en andere psychische stoornissen, neurocognitieve stoornissen en middelgerelateerde en verslavingsstoornissen. Bij betrokkene is sprake van een psychotische stoornis (sterke aanwijzingen voor relatie met middelen; DD delier als gevolg van gebruik van middelen) in remissie bij een 20-jarige man bekend met een autismespectrumstoornis, een traumastoornis en een stoornis in gebruik van verschillende middelen.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- ernstige verstoorde ontwikkeling;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat betrokkene onder invloed van een ander raakt;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.4.
De rechtbank neemt hierbij in overweging dat betrokkene tijdens een ontregeling oninvoelbaar en onvoorspelbaar gedrag kan laten zien. Eerder was betrokkene fysiek agressief richting zijn broer en heeft hij met een mes voor zijn moeder gestaan. Ook is er sprake van suïcidaliteit. In december 2025 is betrokkene in zeer kritieke toestand in het ziekenhuis beland.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid en de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Ondanks dat betrokkene op dit moment vrijwillig meewerkt aan zijn behandeling acht de rechtbank een zorgmachtiging noodzakelijk. De vrijwilligheid van betrokkene is nog vrij pril en dit kan onder invloed van middelen acuut veranderen. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 2005 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7 staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
2 maart 2027.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 2 maart 2026 door mr. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. Willemsen, griffier en op schrift gesteld op 16 maart 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.