Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:2535

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
3 maart 2026
Publicatiedatum
3 april 2026
Zaaknummer
C/02/445503 / FA RK 26-1056
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Meyboom
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel wegens acuut verward gedrag en psychotische stoornis

Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel in een accommodatie in verband met ernstig verward gedrag en een psychotische stoornis. De burgemeester van Breda had de crisismaatregel op 1 maart 2026 afgegeven. De officier van justitie verzocht de rechtbank om verlenging van deze maatregel.

Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, werd betrokkene gehoord, bijgestaan door haar advocaat, evenals een psychiater die haar toestand toelichtte. Betrokkene vertoont agressief en onsamenhangend gedrag, wisselend in taalgebruik en met momenten van ernstige agitatie en schreeuwen. De psychiater stelde dat het gedrag mogelijk voortkomt uit complicaties van eerdere herseninfarcten of een delier.

De rechtbank concludeerde dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder lichamelijk letsel, psychische schade en gevaar voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving. De verplichte zorg die noodzakelijk is, omvat medicatie, medische controles, bewegingsbeperking, insluiting en opname in een accommodatie. Andere gevraagde zorgvormen werden afgewezen. Betrokkene verzet zich tegen de zorg en wil naar huis, maar is niet in staat hulpverleningsafspraken te maken.

De rechtbank achtte geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar en vond de toegewezen zorg evenredig en effectief. De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel werd verleend voor de duur van drie weken, tot en met 24 maart 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de crisismaatregel voor betrokkene met verplichte zorg voor drie weken tot 24 maart 2026.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/445503 / FA RK 26-1056
Datum uitspraak: 3 maart 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1956 in [geboorteplaats] (Turkije),
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats 1] ,
advocaat mr. V.C. Andeweg uit Breda.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 2 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 3 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • mevrouw [persoon] , psychiater.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in een accommodatie van [accommodatie] in [plaats 2] . De burgemeester van de gemeente Breda heeft de crisismaatregel op 1 maart 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene kan niet goed op haar stoel blijven zitten en slaakt steeds uitingen van pijn dan wel lijden. Wanneer zij spreekt is zij nauwelijks verstaanbaar. Zij spreekt afwisselend in het Nederlands en in het Turks en haar zinnen zijn onsamenhangend.
4.2.
De psychiater heeft naar voren gebracht dat het wisselend gaat met betrokkene. De vraag is wat er met haar aan de hand is. Zij laat bijzonder gedrag zien, ook thuis. Betrokkene is agressief en loopt rond zonder kleren aan. Ook schreeuwt zij zodanig dat dit met momenten niet hanteerbaar is. Zij vertoont verward gedrag, waarvan de oorzaak nog niet duidelijk is. Mogelijk is er sprake van een complicatie vanuit eerdere herseninfarcten van betrokkene of van een delier. De psychiater geeft aan dat alle verzochte verplichte zorg noodzakelijk is, met uitzondering van het toedienen van vocht en voeding en het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen.
4.3.
Door de advocaat van betrokkene is aangevoerd dat betrokkene niet opgenomen wil blijven en naar huis wil. De advocaat vraagt om het verzoek af te wijzen.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
Betrokkene put zichzelf uit, onder andere doordat zij al meerdere nachten niet heeft geslapen. Betrokkene is agressief naar spullen en haar echtgenoot en dreigend agressief naar dochters en politie. Zij heeft een ruit in haar woning ingeslagen. Tijdens de zitting is naar voren gebracht dat betrokkene in ernstige mate schreeuwt.
5.3.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. De onafhankelijk psychiater diagnosticeert betrokkene op dit moment met een psychotische stoornis. Er is sprake van acuut verward gedrag. Zichtbaar is dat betrokkene nauwelijks te sturen is in het contact. Zij wisselt rustige momenten af met momenten waarbij zij geagiteerd is, scheldt en schreeuwt. Dit kan plotseling omslaan naar verdriet.
5.4.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.5.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- opnemen in een accommodatie.
Gebleken is dat voor de andere verzochte vormen van verplichte zorg dan de hiervoor genoemde geen noodzaak is. Deze zullen daarom worden afgewezen.
5.6.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Zij is niet in staat om duidelijk te maken wat zij zelf wil en om hulpverleningsafspraken te maken. Bij haar advocaat heeft betrokkene aangegeven dat zij naar huis wil.
5.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1956 in [geboorteplaats] , Turkije, wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.5. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 24 maart 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 3 maart 2026 door mr. Meyboom, rechter, in aanwezigheid van Dekkers, griffier, en op schrift gesteld op 18 maart 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.