Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:2718

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
9 maart 2026
Publicatiedatum
9 april 2026
Zaaknummer
C/02/445141 / FA RK 26-851
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Janssen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing zorgmachtiging voor verlenging verplichte geestelijke gezondheidszorg

De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 9 maart 2026 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor betrokkene, geboren in 1976 in Turkije. Betrokkene lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen die leiden tot ernstig nadeel, waaronder verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en agressief gedrag.

Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, werden betrokkene, zijn advocaat en casemanagers gehoord. Betrokkene wenst uitsluitend vrijwillige zorg te ontvangen en erkent het belang van medicatie, maar de casemanagers benadrukten dat de afbouw van medicatie zorgvuldig moet verlopen om psychotische klachten en overlast te voorkomen. De advocaat verzocht subsidiair om beperking van verplichte zorgvormen vanwege de onvoorspelbaarheid van opname.

De rechtbank oordeelde dat betrokkene geen ziektebesef heeft en dat vrijwillige zorg niet mogelijk is. De zorgmachtiging wordt daarom voor twaalf maanden toegekend, met verplichte medicatie, medische controles en beperkingen in de vrijheid om het eigen leven in te richten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. Opname en bewegingsvrijheid worden niet als noodzakelijk geacht. De toegewezen zorgvormen zijn evenredig en gericht op stabilisatie en veiligheid.

De beschikking is op 9 maart 2026 mondeling gegeven door rechter Janssen en schriftelijk vastgelegd op 19 maart 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden met verplichte medicatie en medische controles, zonder opname.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/445141 / FA RK 26-851
Datum uitspraak: 9 maart 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1976 in [geboorteplaats] , Turkije,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. J. van Rooijen uit Tilburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 17 februari 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 9 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • de heer [persoon 1] , casemanager;
  • mevrouw [persoon 2] , casemanager.

2.Wat vaststaat

2.1.
De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 8 april 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene geeft aan dat hij enkel vrijwillige zorg wil ontvangen. Indien er geen zorgmachtiging is blijft betrokkene zijn medicatie nemen omdat hij van mening is dat hij het nodig heeft.
4.2.
De casemanagers brengen, samengevat, naar voren dat er een verlenging van de zorgmachtiging is aangevraagd om de afbouw van de medicatie te kunnen continueren. De medicatie dient zorgvuldig te worden afgebouwd. Bij een afbouw kunnen eventuele psychotische klachten toenemen met als gevolg dat er situaties ontstaan waarin de bereidwilligheid om medicatie te blijven nemen verdwijnt. De zorgmachtiging is daarvoor nodig. De casemanagers geven aan dat het lastig te voorspellen is hoe voorzienbaar een opname is.
4.3.
De advocaat bepleit afwijzing gelet op de wens van betrokkene om vrijwillig zorg te ontvangen. Betrokkene ziet de noodzaak in van het nemen van medicatie en is goed in de samenwerking. Subsidiair verzoekt de advocaat om niet alle vormen van verplichte zorg toe te wijzen omdat een opname niet voorzienbaar is.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan een schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag. Verdachte is psychisch kwetsbaar. Nu zijn medicijngebruik wordt verminderd, neemt de kans op decompensatie toe. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat wanneer betrokkene psychotisch decompenseert hij overlast veroorzaakt voor zijn woonomgeving. Betrokkene schreeuwt in de nachten en heeft eerder spullen in de woning vernield. Daarnaast kan betrokkene ook fysiek agressief reageren, in het verleden is hij meermaals met politie en justitie in aanraking gekomen vanwege mishandelingen. Daarnaast is er sprake van zelfverwaarlozing en isolatie.
5.4.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.5.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en ziekte-inzicht. Betrokkene wenst geen verlenging van de zorgmachtiging. Er bestaat op dit moment bereidheid om de medicijnen te nemen, maar die bereidheid is fragiel en kan afnemen bij vermindering van medicijnen.. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.6.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen.
Met de raadsman is de rechtbank van oordeel dat er op dit moment geen aanleiding is om opnemen in een accommodatie en beperken van de bewegingsvrijheid als verplichte zorgvormen op te nemen. Het is op dit moment niet voorzienbaar dat dit nodig is.
5.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
5.8.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van twaalf maanden.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1976 in [geboorteplaats] , Turkije, wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6 staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 9 maart 2027;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 9 maart 2026 door mr. Janssen, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 19 maart 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.