Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:2719

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
9 maart 2026
Publicatiedatum
9 april 2026
Zaaknummer
C/02/445698 / FA RK 26-1167
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Janssen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing voortzetting crisismaatregel wegens psychotische decompensatie en gevaar voor omgeving

Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel in een accommodatie te Tilburg, afgegeven door de burgemeester op 5 maart 2026. De officier van justitie verzoekt de rechtbank om verlenging van deze maatregel voor drie weken. Tijdens de zitting, gehouden op 9 maart 2026, is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn advocaat, evenals een psychiater in opleiding.

De psychiater licht toe dat betrokkene psychotische symptomen vertoont en dat het noodzakelijk is om te starten met antipsychotica om zijn toestand te stabiliseren. Betrokkene toont verward gedrag, agressie richting buurtbewoners en hulpverleners, en vertoont gevaarlijk gedrag met elektrische apparaten. De advocaat pleit voor afwijzing van het verzoek omdat betrokkene geen verzet toont en wil meewerken.

De rechtbank oordeelt dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door psychotische stoornissen, waardoor de crisismaatregel niet kan wachten op een zorgmachtiging. Verplichte zorg, waaronder medicatie, medische controles, bewegingsbeperking, insluiting en opname, wordt toegewezen. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven. De machtiging wordt verleend tot en met 30 maart 2026.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de crisismaatregel voor betrokkene tot en met 30 maart 2026 met verplichte zorgmaatregelen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/445698 / FA RK 26-1167
Datum uitspraak: 9 maart 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1976 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats 1] ,
verblijvende in een [accommodatie] te [plaats 2] ,
advocaat mr. A.A. Nunnikhoven uit Tilburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 6 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 9 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • de heer [persoon 1] , psychiater in opleiding.
1.3.
Tevens waren bij de mondelinge behandeling aanwezig, maar zijn niet gehoord:
  • mevrouw [persoon 2] , psychiater;
  • de heer [persoon 3] , verpleegkundige.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in de [accommodatie] te [plaats 2] . De burgemeester van de gemeente Tilburg heeft de crisismaatregel op 5 maart 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene brengt, samengevat, naar voren dat hij best druk was en veel liep te schelden. Betrokkene vindt zijn verblijf tegenvallen en hij geeft aan dat hij liever aan de andere kant zit. Betrokkene maakt zich zorgen om zijn tropische vissen. Betrokkene is eveneens van mening dat er door de apotheek gerommeld is met zijn medicatie.
4.2.
De psychiater in opleiding verklaart dat er eind vorige week geprobeerd is bij betrokkene om met medicatie en rust het beeld te doen opklaren zonder het gebruik van antipsychotica. Sinds vandaag worden er psychotische uitspraken waargenomen bij betrokkene waardoor is voorgesteld om toch te starten met antipsychotica. Betrokkene dient goed ingesteld te zijn op medicatie alvorens hij met ontslag kan. Volgens de psychiater is het voor de veiligheid en gezondheid van belang dat betrokkene in een veilige omgeving ingesteld moet worden op de medicatie.
4.3.
De advocaat bepleit afwijzing van het verzoek omdat betrokkene geen verzet toont. Betrokkene wil meewerken met de zorg.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige materiële schade, het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag en gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat betrokkene agressie vertoont richting buurtbewoners en hulpverleners. Er is sprake van gedesoriënteerd gedrag waarbij betrokkene elektrische bedrading ondeugdelijk aan elkaar knoopt en met elektrische apparaten gooit. Ook tijdens het gesprek maakt hij een verwarde indruk.
5.3.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene psychotisch is gedecompenseerd in het kader van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen.
5.4.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.5.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- opnemen in een accommodatie.
5.6.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en ziekte-inzicht.
5.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
5.8.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1976 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.5 staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 30 maart 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 9 maart 2026 door mr. Janssen, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 19 maart 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.