Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- het klaagschrift op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv), ingediend op 29 augustus 2025 ter griffie van deze rechtbank;
- de kennisgevingen van inbeslagneming op grond van artikel 94 en Pro artikel 94a Sv, waaruit blijkt dat op meerdere data in augustus en september 2025 onder klager gegevensdragers en de nettowaarde na vervreemding van cryptovaluta in beslag zijn genomen;
- de reactie van de officier van justitie en
- de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
2.De beoordeling
3.De beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).