Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.De zaak in het kort
2.De procedure
3.De feiten
4.Het geschil
5.De beoordeling
€ 117.374,00 op Construction op 1 augustus 2019 nog bestond.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De curator van het failliete Construction vorderde terugbetaling van een betaling van €117.374,00 aan Thetis, stellende dat deze onverschuldigd was of vernietigbaar op grond van faillissementspauliana (art. 42 Fw Pro). Thetis betwistte dit en verwees naar een bestaande rekening-courantvordering als rechtsgrond.
De rechtbank oordeelde dat de curator onvoldoende had gesteld en bewezen dat de vordering op 1 augustus 2019 niet meer bestond, terwijl Thetis haar stellingen onderbouwde met administratieve gegevens en jaarrekening 2017. De curator kon niet aantonen dat de rekening-courantschuld was tenietgegaan.
Verder stelde de rechtbank vast dat de betaling een verplichte rechtshandeling betrof, omdat de rekening-courantvordering opeisbaar was zonder dat verzuim vereist was. De curator kon geen uitzondering op deze hoofdregel aantonen, ook niet in het kader van concernverhoudingen.
Het beroep op faillissementspauliana faalde omdat de betaling niet onverplicht was. De curator kon ook zijn stellingen over een agiostorting en vermeende onrechtmatigheden niet voldoende onderbouwen. De rechtbank wees daarom alle vorderingen af en veroordeelde de curator in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de curator af en veroordeelt hem in de proceskosten.