Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:2773

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
10 maart 2026
Publicatiedatum
10 april 2026
Zaaknummer
C/02/445402 / FA RK 26-992
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Van Dun
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor twaalf maanden wegens psychotische stoornis

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 10 maart 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1996, voor de duur van twaalf maanden. Betrokkene lijdt aan een schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, die ernstige nadelige gevolgen veroorzaken, waaronder lichamelijk letsel, psychische schade en verstoorde ontwikkeling. Ondanks betrokkene's eigen overtuiging dat zij geen zorgmachtiging nodig heeft en steun vindt in haar geloof, is het herstel nog pril en is verplichte zorg noodzakelijk.

De verpleegkundig specialist heeft toegelicht dat betrokkene de afgelopen twee jaar vier keer een terugval heeft gehad en dat het contact en medicatie steeds voortijdig werden beëindigd. De zorgmachtiging is nodig om medicatie toe te dienen, medische controles uit te voeren en contact met het FACT-team te waarborgen. De rechtbank acht de gevraagde duur van twaalf maanden passend, mede vanwege de benodigde tijd voor medicatieafbouw.

De rechtbank concludeert dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn en dat de toegewezen vormen van verplichte zorg evenredig en effectief zijn. De beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken, met de mogelijkheid tot cassatie.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden met verplichte zorgmaatregelen voor betrokkene.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/445402 / FA RK 26-992
Datum uitspraak: 10 maart 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1996 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. F.E.R.M. Verhagen uit Breda.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 25 februari 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 10 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • mevrouw [persoon] , verpleegkundig specialist.

2.Wat vaststaat

2.1.
De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 12 maart 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene zegt dat het momenteel goed met haar gaat. Betrokkene vindt een zorgmachtiging niet nodig. Betrokkene zegt veel hoop uit haar geloof te halen en vanuit daar stappen te zetten om meer de wereld in te gaan, meer contact te hebben met anderen en minder angstig te zijn. Betrokkene denkt niet dat het feit dat het beter met haar gaat door het gebruik van medicatie komt. Betrokkene wil zonder zorgmachtiging geen medicatie gebruiken of contact onderhouden met het FACT-team. Ze gelooft er niet in. Ze heeft wel meegewerkt afgelopen tijd toen er een zorgmachtiging was, maar dit deed ze omdat haar moeder en broertje dit graag wilden.
4.2.
De verpleegkundig specialist zegt dat ze het nodig vindt dat er voor betrokkene een zorgmachtiging is. Betrokkene heeft de afgelopen twee jaar vier keer een terugval gehad. Betrokkene knapte zelf steeds weer op, maar snel daarna werd de medicatie gestopt en het contact verbroken. De verpleegkundig specialist vindt dat het langere tijd goed moet gaan. Het is nu nog nodig om betrokkene verder te helpen, zeker ook vanwege de zorg die ze voor haar dochtertje draagt. De verpleegkundig specialist zegt de mogelijkheden om medicatie af te bouwen te gaan bekijken, maar hiervoor zou ze juist graag de zorgmachtiging achter de hand willen hebben. De verpleegkundig specialist heeft respect voor de hoop die betrokkene uit haar geloof haalt, maar zegt dat de psychotische kwetsbaarheid die betrokkene heeft kan worden verklaard vanuit haar jeugd. Hiervoor kan betrokkene hulp van een psycholoog krijgen. Dit kan volgens de verpleegkundig specialist niet worden verplicht, maar zij vindt het belangrijk om dit aanbod wel te doen.
4.3.
De advocaat zegt dat betrokkene geen zorgmachtiging wil. Betrokkene haalt veel uit haar geloof in God, ze voelt nu echt dat ze bij hem hoort. Als er wel een zorgmachtiging komt, kan betrokkene zich daarbij neerleggen, vooral omdat haar moeder het belangrijk vindt. De advocaat vindt het wel van belang om eerder dan twaalf maanden opnieuw een toetsmoment te hebben. Ook om betrokkene wat vertrouwen te geven. Wanneer de rechtbank de zorgmachtiging toewijst, pleit de advocaat daarom voor een zorgmachtiging met een kortere duur dan twaalf maanden.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en hetgeen tijdens de mondelinge behandeling naar voren is gebracht is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum-en andere psychotische stoornissen. De rechtbank heeft geen reden om te twijfelen aan de medische verklaring.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- ernstige verstoorde ontwikkeling;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
5.4.
De rechtbank neemt hierbij onder andere in aanmerking dat betrokkene op het moment dat ze floride psychotisch is, niet in staat is om voor zichzelf en haar dochter te zorgen. Betrokkene schreeuwt en rolt over de grond. Dit kan beangstigend zijn voor haar dochter en zorgen voor psychische en/of fysieke schade. Betrokkene is in de afgelopen twee jaar vier keer ontregeld. Daarnaast heeft betrokkene eerder suïcidaal gedrag laten zien.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene dan ook zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Op dit moment gaat het immers wel goed met betrokkene, maar het herstel is nog pril en betrokkene is nog niet psychosevrij. Betrokkene komt haar afspraken alleen na omdat er een zorgmachtiging is, zij ziet er de meerwaarde niet van in. De stelling van betrokkene dat zij steun vindt in haar geloof respecteert de rechtbank, maar die stelling levert op zichzelf naar het oordeel van de rechtbank geen, althans onvoldoende reden c.q. aanleiding om te betwijfelen dat de gevraagde machtiging niet nodig zou zijn. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder te verstaan dat betrokkene op door het ambulant behandelteam (FACT-team) op geleide van het beeld te bepalen wijze en frequentie contact met het behandelteam moet blijven houden.
Deze vormen van verplichte zorg zullen dus worden toegewezen.
5.8.
Ten aanzien van de duur van de zorgmachtiging oordeelt de rechtbank anders dan het standpunt van de advocaat deze wel voor de verzochte duur van twaalf maanden te verlenen. Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat er geen reden is voor een kortere duur dan twaalf maanden. De verpleegkundig specialist heeft in dit kader naar voren gebracht dat wanneer medicatie moet worden afgebouwd, hier per stap al minimaal drie maanden voor nodig is. Juist tijdens het proces van afbouwen van de medicatie is een zorgmachtiging noodzakelijk om het toestandsbeeld van betrokkene te kunnen monitoren.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
5.10.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1996 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de navolgende maatregelen kunnen worden toegepast;
- het toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder te verstaan dat betrokkene op door het behandelteam (FACT-team) op geleide van het beeld te bepalen wijze en frequentie contact met het behandelteam moet blijven houden.
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 10 maart 2027;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 10 maart 2026 door mr Van Dun, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 13 maart 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.