Uitspraak
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De verzoeken
- Rolgordijnen begane grond + eerste verdieping;
- Gordijnen begane grond + eerste verdieping;
- Tweezitsbank;
- Keukenapparatuur, waaronder oven;
- Lampen/plafondlampen;
- Schemerlampen 4 stuks;
- Klok;
- Stofzuiger;
- Beeld hond;
- Keukenrekje;
- Planken uit het toilet;
- Pokemonkaarten;
- Planken waar apen op stonden.
4.De beoordeling
Bij deze geef ik te kennen dat de gordijnen en bankstel van [persoon 2] zijn daar ze die zelf heeft betaald. Staan in [adres] . (…)” De man heeft de juistheid van deze verklaring evenwel gemotiveerd bestreden door aan te voeren dat [persoon 1] niet aanwezig was toen de onderhavige gordijnen en het bankstel werden gekocht. Nu de vrouw tegenover deze betwisting haar standpunt niet nader heeft onderbouwd, terwijl uit de enkele (gestelde) betaling door de vrouw niet zonder meer volgt dat deze zaken haar in eigendom toebehoren, gaat de rechtbank hieraan voorbij. De vrouw heeft verder, eveneens bij voornoemde productie 3 bij het F-formulier van mr. Bayrak van 19 januari 2026, een, volgens haar stellingen, op 2 juni 2025 opgestelde lijst met “eigendommen [persoon 2] ” overgelegd, maar waar zij de relevantie van deze lijst niet nader heeft toegelicht, gaat de rechtbank ook hieraan voorbij. De man heeft als bijlage bij de brief van 19 januari 2026 van mr. De Koning nog overgelegd een factuur van een door hem gekochte bank, maar de vrouw heeft bestreden dat dit de bank is die zij heeft meegenomen, zodat de rechtbank ook hieraan voorbijgaat. Verder is als bijlage bij voornoemde brief van 19 januari 2026 van mr. De Koning een kassabon van de Karwei in het geding gebracht. Daar blijkt uit dat er voor een bedrag van € 170,98 aan planken (2 timmerpaneel vuren) is aangeschaft. Voor zover de man stelt dat dit planken zijn die door hem zijn betaald en door de vrouw uit de woning zijn meegenomen, gaat de rechtbank daar gelet op de datum op deze kassabon van 17 december 2025 aan voorbij. Vast staat dat de vrouw op dat moment de echtelijke woning al had verlaten, dus deze aankoop kan dan ook geen betrekking hebben op goederen die de vrouw heeft meegenomen uit de woning.