De zaak betreft een verzoek van Stichting Jeugdbescherming West Zeeland om een spoedmachtiging te verlenen voor gesloten jeugdhulp aan een minderjarige geboren in 2011. De minderjarige verblijft reeds onder toezicht en is eerder geplaatst in een jeugdhulpaccommodatie, maar vertoont onhoudbaar en bedreigend gedrag jegens medewerkers. Er is sprake van ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen, cognitieve beperkingen en een sociaal-emotionele ontwikkelingsstoornis, waardoor het gedrag onvoorspelbaar is.
De kinderrechter constateert dat het verblijf in de open setting onvoldoende grip biedt en dat onmiddellijke gesloten jeugdhulp noodzakelijk is om onttrekking aan hulp te voorkomen en veiligheid te waarborgen. De spoedmachtiging wordt verleend voor twee weken, met aanhouding van het resterende deel van het verzoek tot reguliere machtiging. Tijdens een mondelinge behandeling zullen alle betrokkenen worden gehoord.
De beslissing is genomen op 9 januari 2026 en schriftelijk vastgelegd op 12 januari 2026. Tegen deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch binnen drie maanden na dagtekening.