De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 13 maart 2026 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1966, die lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Betrokkene woont momenteel in een accommodatie en wordt bijgestaan door een advocaat. Tijdens de zitting werden ook een arts in opleiding tot psychiater en een begeleidster gehoord.
Betrokkene stelt dat het goed met haar gaat en dat zij vrijwillig meewerkt aan medicatie, terwijl de raadsvrouw de zorgmachtiging alleen wil toestaan voor medicatietoediening en medische controles, niet voor opname. De arts en begeleidster benadrukken echter dat betrokkene wisselend is in het accepteren van medicatie, suïcidale uitspraken doet en risico loopt op ernstige achteruitgang en gevaar door een persoon die misbruik van haar maakt.
De rechtbank oordeelt dat betrokkene een ernstige psychische stoornis heeft die leidt tot levensgevaar, materiële en financiële schade en bedreiging van haar veiligheid. Er is geen passende vrijwillige zorg mogelijk vanwege gebrek aan ziekte-inzicht en ambivalentie. Daarom is verplichte zorg noodzakelijk, waaronder medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, beperkingen in het eigen leven en opname in een accommodatie.
De toegewezen zorgmaatregelen zijn evenredig en effectief, en er zijn geen minder bezwarende alternatieven. De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van zes maanden, tot en met 13 september 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.