De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 13 maart 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1993, voor de duur van twaalf maanden. Betrokkene lijdt aan een schizofreniespectrumstoornis en een middelengerelateerde verslavingsstoornis, wat door meerdere psychiaters is vastgesteld. Betrokkene en zijn advocaat betwisten de diagnose en verzoeken om een second opinion, maar dit verzoek is afgewezen.
De rechtbank stelt vast dat betrokkene zonder verplichte zorg zal decompenseren, met risico op agressie, zelfverwaarlozing en verlies van zijn woning. Betrokkene werkt vrijwillig mee aan medische controles, maar heeft onvoldoende ziekte-inzicht en ziet het belang van medicatie niet in. De medicatie wordt momenteel afgebouwd, wat leidt tot toename van psychotische symptomen.
De rechtbank acht verplichte zorg noodzakelijk, waaronder het toedienen van medicatie en het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid, zoals het onderhouden van contact met het ambulante FACT-team. Minder bezwarende alternatieven zijn niet beschikbaar. De zorgmachtiging geldt tot en met 13 maart 2027. Tegen deze beschikking staat cassatie open.