De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 16 maart 2026 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1993 in Roemenië, die verblijft in een psychiatrische accommodatie. Betrokkene lijdt aan een bipolaire-stemmingsstoornis en een borderline persoonlijkheidsstoornis, met ernstige emotieregulatiestoornissen en manisch-psychotische ontregeling.
Tijdens de zitting werd betrokkene gehoord, bijgestaan door een advocaat en tolk, evenals een psychiater en andere zorgprofessionals. Betrokkene wenst terug te keren naar Roemenië vanwege familieomstandigheden, maar de psychiater stelde dat haar psychische toestand nog niet stabiel genoeg is voor vertrek. Betrokkene vertoont wisselende emoties, impulsiviteit en agressie, en is medicatie-ontrouw.
De rechtbank concludeerde dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt, waaronder risico op lichamelijk letsel, psychische schade, agressie naar derden en maatschappelijke problemen. Vrijwillige zorg is niet mogelijk vanwege medicatie-ontrouw en gebrek aan ziekte-inzicht. Daarom is verplichte zorg noodzakelijk.
De toegewezen zorgmachtiging geldt voor zes maanden en omvat onder meer medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, insluiting en toezicht. Beperkingen op communicatiemiddelen zijn afgewezen. De machtiging is evenredig en gericht op stabilisatie en veiligheid. Tegen deze beschikking staat cassatie open.