Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 23 januari 2026 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] uit [plaats 1], eiseres,
[ex-werkgever] B.V., uit [plaats 2],
Samenvatting
Feiten en omstandigheden
.Eiseres is uitgenodigd voor een spreekuur bij de bedrijfsarts op 5 en 28 maart 2024, maar is daar niet verschenen. Hierop is door de ex-werkgever bij het UWV een verzoek ingediend tot het nemen van een besluit tot weigering van een ZW-uitkering.
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt het UWV op binnen zes weken na de dag nadat de termijn om hoger beroep in te stellen ongebruikt is verstreken, of als hoger beroep wordt ingesteld, de dag nadat daarop is beslist, een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat het UWV het griffierecht van € 51,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt het UWV tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan eiseres.