Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verdere procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
“De dwingende controle is ook direct gericht op de kinderen. Vader beperkt zijn kinderen bijvoorbeeld om met anderen af te spreken en controleert of zij zich aan de afspraken houden. Hij schroomt niet zijn eigen kinderen te bespieden en/of fysiek te achtervolgen en hen aan te spreken op gedrag dat hij onacceptabel acht. Vader lijkt zijn handelen, dat controlerend en grensoverschrijdend is, als een spel te zien. Hij legitimeert zijn handelen vanuit de rol van betrokken vader. De onderzoeker ziet een vader die wantrouwend is ten opzichte van zijn eigen kinderen en de moeder van zijn kinderen, die louter gericht is op bevestiging van zijn eigen gelijk en obsessief handelt om bewijs voor zijn eigen gelijk te vergaren.”.
tijdelijkwordt ontzegd, zodat [minderjarige] niet bloot wordt gesteld aan de huidige onzekerheid en mogelijk onveilige situatie. Indien de GI het in het belang van [minderjarige] acht om over enige tijd toch weer contact te hebben met de vader, kan er - onder begeleiding van een professional -contact plaatsvinden tussen [minderjarige] en de vader onder regie van de GI, waarbij de aard van het contact, de frequentie en de duur van het contact door de GI zullen worden bepaald en het belang en de behoefte van [minderjarige] leidend moeten zijn. Verder acht de kinderrechter het van groot belang dat de vader het advies van mevrouw Vlaming om een BIG-geregistreerde psychotherapeut te benaderen en zich daar onder behandeling te stellen, in acht neemt.
[datum] 2026 om [uur]bij de
meervoudige kamervan deze rechtbank (mr. Felix, mr. Van Triest en mr. Vos). De kinderrechter vindt het belang dat de ouders zich tijdens deze zitting laten bijstaan door hun advocaten.