Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf van betrokkene, geboren in 1946, wegens zijn psychogeriatrische aandoening. Betrokkene lijdt aan een mengbeeld van de ziekte van Alzheimer en vasculaire dementie, wat leidt tot ernstig lichamelijk letsel, psychische schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang.
Tijdens de zitting, gehouden op 20 maart 2026, gaf betrokkene aan dat het goed met hem gaat en hij geen opname wenst. Zijn echtgenote en casemanager verklaarden echter dat betrokkene 24-uurs zorg nodig heeft, professionele hulp weigert en dat de echtgenote zwaar overbelast is en meerdere keren in het ziekenhuis heeft gelegen.
De rechtbank oordeelde dat opname en verblijf noodzakelijk en geschikt zijn om het ernstig nadeel te voorkomen, en dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn. De machtiging wordt verleend voor zes maanden, tot 20 september 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.