Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:3189

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
20 maart 2026
Publicatiedatum
20 april 2026
Zaaknummer
C/02/445612 / FA RK 26-1106
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • De Beer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf wegens dementie en ernstig nadeel

Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf van betrokkene, geboren in 1946, wegens zijn psychogeriatrische aandoening. Betrokkene lijdt aan een mengbeeld van de ziekte van Alzheimer en vasculaire dementie, wat leidt tot ernstig lichamelijk letsel, psychische schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang.

Tijdens de zitting, gehouden op 20 maart 2026, gaf betrokkene aan dat het goed met hem gaat en hij geen opname wenst. Zijn echtgenote en casemanager verklaarden echter dat betrokkene 24-uurs zorg nodig heeft, professionele hulp weigert en dat de echtgenote zwaar overbelast is en meerdere keren in het ziekenhuis heeft gelegen.

De rechtbank oordeelde dat opname en verblijf noodzakelijk en geschikt zijn om het ernstig nadeel te voorkomen, en dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn. De machtiging wordt verleend voor zes maanden, tot 20 september 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden wegens dementie en ernstig nadeel.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/445612 / FA RK 26-1106
Datum uitspraak: 20 maart 2026
Beschikking rechterlijke machtiging
op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1946 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. P.M.J.T. Schumans uit Middelburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 5 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 20 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat, mr. Schumans;
  • mevrouw [persoon 1] , casemanager;
  • de heer [persoon 2] , zoon van betrokkene;
  • mevrouw [persoon 3] , echtgenote van betrokkene.

2.Het verzoek

2.1.
Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van zes maanden.

3.De standpunten

3.1.
Betrokkene geeft tijdens de zitting aan dat het goed met hem gaat en hij niet begrijpt waarom de rechtbank bij hem thuis is. Betrokkene en zijn echtgenote hebben het goed naar hun zin en er is volgens betrokkene dan ook geen reden om weg te gaan.
3.2.
De casemanager verklaart tijdens de zitting dat de dementie van betrokkene verder achteruit gaat. Professionele zorg wordt door betrokkene niet toegelaten en hij wil niet naar de dagbesteding. Betrokkene heeft 24-uurs zorg en begeleiding nodig en thuis kan deze zorg niet aan betrokkene worden geven. De echtgenote van betrokkene is zwaar overbelast en haar gezondheid lijdt eronder. De echtgenote van betrokkene heeft in de afgelopen maanden meerdere keren in het ziekenhuis gelegen.
3.3.
De advocaat verzoekt namens zijn client om afwijzing van het verzoek. Betrokkene geeft aan dat thuis alles nog goed gaat en een opname niet nodig is. De advocaat heeft juridisch gezien geen opmerkingen.

4.De beoordeling

4.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
4.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening. Bij betrokkene is sprake van dementie, mengbeeld ziekte van Alzheimer en vasculaire dementie.
4.3.
Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang.
4.4.
De rechtbank neemt hierbij in overweging dat betrokkene 24-uur per dag sturing en zorg nodig heeft. Ook kan betrokkene niet meer alleen worden gelaten en weigert betrokkene alle professionele hulp. De echtgenote van betrokkene is zwaar overbelast en heeft verschillende keren in het ziekenhuis gelegen.
4.5.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen. Betrokkene weigert een vrijwillige opname en is van mening dat hij geen hulp nodig heeft en voorlopig nog thuis kan blijven wonen.
4.6.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Er zijn de afgelopen periode meerdere keren per week thuiszorg en dagbesteding ingezet. Dit is echter onvoldoende gebleken om het hierboven beschreven ernstig nadeel in de thuissituatie weg te nemen.

5.De beslissing

De rechtbank:
5.1.
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1946 in [geboorteplaats] ;
5.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
20 september 2026.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 20 maart 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Willemsen, griffier en op schrift gesteld op 3 april 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.