Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:3204

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
20 maart 2026
Publicatiedatum
20 april 2026
Zaaknummer
C/02/446210 / FA RK 26-1424
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Gremmen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel met verplichte zorg bij psychotische stoornis en alcoholonttrekkingsdelier

Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel na een acute psychotische episode vermoedelijk veroorzaakt door een alcoholonttrekkingsdelier. De rechtbank beoordeelt het verzoek van de officier van justitie tot voortzetting van deze maatregel voor drie weken.

Tijdens de zitting, waarbij betrokkene, familieleden en medisch specialisten werden gehoord, bleek dat betrokkene bereid is zorg te accepteren maar twijfelt aan zijn medewerking bij alcoholgebruik. De AIOS en psychiater benadrukten de noodzaak van voortzetting vanwege het risico op ernstig lichamelijk letsel, psychische schade en gevaar voor de omgeving.

De rechtbank concludeert dat de situatie ernstig is en dat verplichte zorg noodzakelijk is om het dreigende nadeel af te wenden. De toegewezen zorg omvat medicatie, medische controles, bewegingsbeperkingen, beperkingen in het eigen leven, en opname in een accommodatie. Minder ingrijpende alternatieven zijn niet effectief gebleken.

De machtiging wordt verleend tot en met 10 april 2026. De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk vastgelegd, met mogelijkheid tot cassatie.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de crisismaatregel met verplichte zorg voor drie weken tot 10 april 2026.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/446210 / FA RK 26-1424
Datum uitspraak: 20 maart 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1974 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. J. van Rooijen uit Tilburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 19 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 20 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • broer, zus en neef van betrokkene, middels een videoverbinding;
  • de heer [naam 1] , AIOS Psychatrie;
  • mevrouw [naam 2] , psychiater.
1.3.
De officier van justitie is zoals zij reeds aangaf in het verzoek niet op de mondelinge behandeling verschenen en dus ook niet gehoord.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [accommodatie] . De burgemeester van Tilburg heeft de crisismaatregel op 18 maart 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene zegt dat het goed met hem gaat. Hij zegt niet meer met zijn telefoon te praten; de stemmen zijn weg. Betrokkene zegt dat hij is opgepakt door de politie. Door zijn verblijf in de cel is hij abrupt gestopt met alcohol drinken, waardoor hij naar eigen zeggen gek werd. Betrokkene staat ervoor open om zorg te accepteren, maar vindt het tegelijkertijd ook prettig als er wordt gecontroleerd of hij alcohol heeft gebruikt als stok achter de deur. Daarom is hij het eens met de voortzetting van de crisismaatregel.
4.2.
De AIOS zegt dat betrokkene afgelopen woensdag opgenomen is. Hij was toen heel verward en gedesoriënteerd en hij hallucineerde. De AIOS denkt dat het een alcoholonttrekkingsdelier is geweest omdat betrokkene abrupt met alcohol is gestopt. De klachten waren een dag later al een stuk minder. De AIOS zegt dat het onderscheid tussen angsten, wanen en de realiteit moeilijk in te schatten is en dat er nu nog mogelijk wel iets van een waan aanwezig is. De AIOS vindt dat het een stuk beter gaat, maar vindt nazorg nog noodzakelijk. Hij heeft de voorkeur voor een behandelteam waarbij de zorg ook vanuit huis kan. De AIOS zegt dat hulp met een FACT-team niet zomaar geregeld is, maar dat ze nu bezig zijn met een IHT-team. De AIOS vindt dat de crisismaatregel moet worden verlengd. De gebeurtenissen van de afgelopen week zijn nog vers en de AIOS vindt het moeilijk te voorspellen hoe het komende week gaat lopen. Daarnaast gaf betrokkene gisteren nog aan geen hulp te willen accepteren.
4.3.
De psychiater is het eens met hetgeen de arts naar voren heeft gebracht. De boodschap is eigenlijk dat ze betrokkene ondersteuning willen blijven bieden. Met een machtiging kan betrokkene nog steeds naar huis, maar kan het wel een vangnet zijn voor als het toch mis gaat.
4.4.
De broer, zus en neef vinden het in het belang van betrokkene als de machtiging nog even door blijft lopen. Zij vinden het goed als stok achter de deur en ziet het als een teken van groei dat betrokkene het zelf ook zo wil.
4.5.
De advocaat zegt verrast te zijn door de wending van het gesprek. De advocaat vindt het een voorbeeldcasus van hoe het op vrijwillige basis zou kunnen. Desondanks wil betrokkene graag een machtiging, dus de advocaat gaat daarmee akkoord.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.3.
De rechtbank neemt hierbij onder andere in aanmerking dat er bij betrokkene waarschijnlijk sprake is geweest van een alcoholonttrekkingsdelier waardoor hij verward was en stemmen hoorde. Daarnaast was betrokkene gedesoriënteerd en hallucineerde hij. Zo dacht betrokkene te kunnen bellen zonder telefoon en was hij ervan overtuigd dat hij een goochelaar was die via YouTube veel geld heeft verdiend.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, middelgerelateerde en verslavingsstoornissen.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
5.6.1.
Ten aanzien van de verzochte vormen van verplichte zorg ‘het toedienen van vocht en voeding’, ‘het verrichten van andere medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening’ en ‘insluiten’ oordeelt de rechtbank deze niet toe te wijzen omdat deze niet noodzakelijk en voorzienbaar zijn gebleken.
5.7.
Betrokkene zegt de noodzakelijke zorg te accepteren, maar tegelijkertijd graag gecontroleerd te willen worden op alcoholgebruik. Betrokkene weet niet of hij, als hij weer thuis is en alcohol gaat drinken, nog steeds de nodige zorg wil accepteren. De AIOS zegt in dat kader dat hij het, vanwege de gebeurtenissen in de afgelopen dagen, moeilijk in te schatten vindt of betrokkene inderdaad mee blijft werken aan de noodzakelijke zorg. Betrokkene heeft daarin een wisselende houding. De dag voor de zitting gaf hij nog aan geen hulp te willen accepteren. De rechtbank heeft daardoor onvoldoende vertrouwen in zorg op vrijwillige basis. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
5.9.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1974 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de navolgende maatregelen kunnen worden toegepast;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 10 april 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 20 maart 2026 door mr Gremmen, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 30 maart 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.