Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
€ 7.500,- immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
medeplegen van opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander te duchten is;
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan;
jeugddetentie van 122 (honderdtweeëntwintig) dagen waarvan 120 (honderdtwintig) dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 1 (één) jaar;
* meewerkt aan aanvullende hulpverlening, als de jeugdreclassering deze nodig acht;
* zich gedurende een door Stichting Jeugdbescherming Brabant, locatie Etten-Leur, afdeling jeugdreclassering, te bepalen periode (die loopt tot maximaal het einde van de proeftijd) en op door de jeugdreclassering te bepalen tijdstippen zal melden bij de reclassering, zo frequent en zo lang deze instelling dat noodzakelijk acht;
taakstraf in de vorm van een werkstrafvan
200 (tweehonderd) uren te vervangen door 100 (honderd) dagen jeugddetentie;
;