Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:3416

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
27 maart 2026
Publicatiedatum
27 april 2026
Zaaknummer
C/02/446091 / FA RK 26-1356
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Willemsen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor betrokkene met psychische stoornis ter stabilisatie en bescherming

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 27 maart 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1961, die lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Betrokkene was lange tijd stabiel, maar is recent gedecompenseerd, met ernstige gevolgen zoals lichamelijk letsel, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang.

Tijdens de zitting, gehouden met gesloten deuren, werden betrokkene, haar broer en een psycholoog gehoord. Betrokkene ervaart onrust en achterdocht, heeft geen ziektebesef en is wilsonbekwaam. De psycholoog en broer benadrukten de noodzaak van verplichte zorg en een veilige woonplek, bij voorkeur in een gespecialiseerde accommodatie.

De rechtbank concludeerde dat vrijwillige zorg niet mogelijk is en dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden. De toegewezen zorgvormen omvatten medicatie, medische controles, bewegingsbeperkingen, beperkingen in het eigen leven en opname in een accommodatie. De machtiging geldt voor zes maanden tot 27 september 2026.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden om verplichte zorg toe te passen en betrokkene te stabiliseren.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/446091 / FA RK 26-1356
Datum uitspraak: 27 maart 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheid (Wvvgz) voor:
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1961 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene,
wonende aan [adres 1] te [plaats 1] ,
nu verblijvende bij de [accommodatie 1] , [adres 2] te [plaats 2] ,
advocaat mr. F.J. Koningsveld uit Breda.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt het volgende stuk mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 16 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 27 maart 2026 in de hierboven genoemde accomodatie. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • de broer van betrokkene;
  • mevrouw [plaats 3] , psycholoog.

2.Wat vaststaat

2.1.
De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 25 maart 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene heeft aangegeven dat het inmiddels veel beter met haar gaat. Betrokkene is stabiel. Voor de opname zijn er twee vrouwen van [accommodatie 2] bij betrokkene in huis geweest die haar de opdracht hebben gegeven om de muren in de woning schoon te spuiten. Betrokkene heeft dit gedaan. Later bleek dat deze vrouwen niet van [accommodatie 2] waren. Zij denkt dat haar buren zichzelf hebben vermomd. Op straat werd betrokkene lastig gevallen. Inmiddels accepteert het lichaam van betrokkene de medicatie en neemt zij de medicatie. Eerder lukte het betrokkene niet om de medicatie binnen te houden. Haar lichaam accepteerde toen ook geen eten en drinken. Betrokkene heeft dit destijds aangegeven aan de begeleiding van [accommodatie 2] , maar zij bleven haar dezelfde medicatie geven. Betrokkene blijft de medicatie die zij nu krijgt innemen, ondanks dat zij er een beetje suf van wordt. Betrokkene vindt het lastig om aan te geven of zij langer in de accommodatie wil verblijven. Betrokkene ervaart soms onrustige periodes in de accommodatie, omdat de mensen in we war zijn. Zij voelt zich, anders dan thuis, veilig binnen de accommodatie. Betrokkene vindt het geen probleem om te verhuizen naar [accommodatie 2] in [plaats 4] . Zij wil alleen niet tussen drugs- en alcoholverslaafden wonen. In de komende periode wil betrokkene erachter komen of de politie of de huisarts een chip in haar schouder heeft gezet.
4.2.
De broer heeft naar voren gebracht dat een intake, voor een woonplek voor betrokkene bij [accommodatie 2] in [plaats 4] , onlangs zonder betrokkene heeft plaatsgevonden. Het ging destijds niet goed met betrokkene. Zij vertrouwde niemand en zij wilde absoluut niet mee. Ook kende betrokkene haar familie niet meer en accepteerde zij geen hulp. Een woonplek op het terrein van [accommodatie 2] is een goede en passende plek voor betrokkene. Haar wordt daar veilige en stabiele situatie aangeboden. Betrokkene kan verhuizen naar [accommodatie 2] , zodra zij behandeling van de GGZ heeft gehad en voldoende stabiel is. Betrokkene is lange tijd stabiel geweest en heeft een lange tijd in haar eentje kunnen wonen. De laatste tijd is een kentering in deze stabiele lijn gekomen. De broer heeft zich veel zorgen gemaakt over betrokkene en hoopt dat zij vanuit de accommodatie direct kan verhuizen naar [accommodatie 2] in [plaats 4] .
4.3.
De psycholoog heeft naar voren gebracht dat betrokkene dezelfde medicatie ontvangt als in de thuissituatie. Momenteel accepteert zij de medicatie. Er wordt gezien dat betrokkene inmiddels meer rust ervaart dan in de thuissituatie, maar verdere verbeteringen worden nog niet waargenomen. Nog steeds worden er spanningen bij betrokkene waargenomen. Afgelopen week is de medicatie van betrokkene opgehoogd. Het is vooralsnog onbekend of de ophoging van de medicatie voldoende is om betrokkene te stabiliseren. Het heeft de voorkeur dat betrokkene vanuit de accommodatie direct kan verhuizen naar [accommodatie 2] in [plaats 4] , omdat zij veel onrust en onveiligheid in de thuissituatie ervaarde. Een zorgmachtiging wordt verzocht om de stabilisatie van betrokkene te borgen. Als betrokkene bij [accommodatie 2] woont, zijn vooralsnog ook de zorgvormen medicatie, opname, het beperken van de bewegingsvrijheid en het aanbrengen van beperkingen het eigen leven in te richten noodzakelijk.
4.4.
De advocaat voert aan dat hij het een lange tijd goed gegaan is gegaan met betrokkene en dat het pas de laatste periode na jaren is misgegaan. Het heeft de voorkeur dat betrokkene direct naar [accommodatie 2] in [plaats 4] verhuisd en niet terug naar de thuissituatie hoeft te gaan waar zij veel onrust heeft ervaren. De zorgmachtiging is nuttig en helpt betrokkene verder de toekomst in. De advocaat ziet verbeteringen bij betrokkene sinds de crisisopname.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overlegde stukken en wat is besproken tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en/of persoonlijkheidsstoornissen.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.4.
De rechtbank neemt onder andere in aanmerking dat betrokkene achterdochtig en angstig is ten tijde van decompensatie. Er is dan sprake van zelfisolatie en stagnatie op het sociaal-maatschappelijk vlak. Betrokkene is ervan overtuigd dat zij wordt lastig gevallen en heeft vanuit deze overtuiging haar woning onder water gezet. Zij voelt zich niet veilig in haar woning.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid en de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.4.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en inzicht. Tevens is betrokkene wilsonbekwaam en heeft zij eerder haar medicatie-inname gestaakt waarna een ontregeling volgde. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.6.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
5.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
5.8.
Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat wordt voldaan aan de wettelijke vereisten voor het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene. De zorgmachtiging zal dan ook worden verleend voor de verzochte duur van zes maanden.
5.9.
Dit leidt tot de volgende beslissing.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1961 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.6. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 27 september 2026.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 27 maart 2026 door mr. Willemsen, rechter, in aanwezigheid van Oonincx, griffier en op schrift gesteld op 8 april 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.