Betrokkene verblijft sinds 24 maart 2026 onder een crisismaatregel in een gespecialiseerde accommodatie. De officier van justitie verzoekt verlenging van deze maatregel voor drie weken vanwege het ernstige risico op levensgevaar door suïcidale gedachten. Betrokkene geeft aan het beter te gaan en wil vrijwillig verblijven, maar is moeilijk benaderbaar en weigert opname.
De psychiater en casemanager bevestigen de ernst van de situatie, waarbij contact met betrokkene lastig is en zijn denken vertraagd. Er is een verhoogd risico op suïcide, mede door depressieve en persoonlijkheidsstoornissen. De rechtbank oordeelt dat het ernstig nadeel niet kan worden afgewacht en dat verplichte zorg noodzakelijk is, waaronder medische controles, bewegingsbeperkingen en opname.
De rechtbank wijst het toedienen van vocht, voeding en insluiting af omdat deze niet noodzakelijk zijn. Betrokkene is niet wilsbekwaam en laat geen woonbegeleiding toe, waardoor minder bezwarende alternatieven ontbreken. De machtiging wordt verleend tot en met 17 april 2026, met het oog op veiligheid en bevordering van maatschappelijke deelname.