Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:3529

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
30 maart 2026
Publicatiedatum
30 april 2026
Zaaknummer
C/02/446522 / FA RK 26-1600
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Borm
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel met verplichte medicatie en zorg bij psychotische depressie

Betrokkene verblijft sinds 26 maart 2026 in een zorginstelling op grond van een crisismaatregel vanwege een ernstige psychotische depressie, veroorzaakt door een hackincident bij zijn werkgever. Ondanks vrijwillige opname weigert betrokkene medicatie in te nemen, wat leidt tot verslechtering van zijn toestand en risico op ernstig lichamelijk letsel en psychische schade.

Tijdens de zitting op 30 maart 2026 gaf betrokkene aan last te hebben van bijwerkingen van de medicatie, zoals duizeligheid en desoriëntatie, en verzet hij zich tegen verplichte medicatie, hoewel hij instemt met opname. De behandelaar en begeleiders benadrukken het ontbreken van ziekte-inzicht en het belang van medicatie, voeding en medische controles om verdere achteruitgang te voorkomen.

De rechtbank concludeert dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel en dat verplichte zorg noodzakelijk is. Minder bezwarende alternatieven ontbreken. Daarom verleent de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met de gevraagde vormen van zorg voor drie weken, tot 20 april 2026.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de crisismaatregel met verplichte medicatie, voeding en medische controles voor drie weken.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/446522 / FA RK 26-1600
Datum uitspraak: 30 maart 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1947 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [woonplaats] ,
thans verblijvende in [zorginstelling] te [plaats] ,
advocaat mr. M.M.M. Heesmans uit Roosendaal.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 27 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 30 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn (waarnemend) advocaat, mr. van Vugt;
  • de heer [persoon 1] , verpleegkundig specialist, behandelaar;
  • [persoon 2] , begeleidster van de afdeling.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [zorginstelling] te [plaats] .. De burgemeester van Bergen op Zoom heeft de crisismaatregel op 26 maart 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene geeft tijdens de zitting aan dat het niet goed met hem gaat. Hij ervaart veel last van de medicatie, zoals duizeligheid, problemen met zijn coördinatie en een gevoel van desoriëntatie. Volgens betrokkene wordt hij door de medicatie juist zieker en kan hij daardoor minder goed functioneren. Hij heeft zelfs moeite met lopen. Volgens betrokkene heeft hij weinig keuze of hij wel of geen medicatie moet innemen. Betrokkene wil liever geen medicatie omdat hij zich hier beroerd door voelt. Aan de ene kant begrijpt hij dat behandeling nodig is, maar aan de andere kant wil hij de medicatie liever niet vanwege de bijwerkingen. Betrokkene verzet zich niet tegen de opname in de instelling zelf.
4.2.
De advocaat geeft aan dat betrokkene in een lastige situatie zit als het gaat om de medicatie. Betrokkene heeft laten weten dat hij op zich wel medicatie wil gebruiken maar dat de bijwerkingen voor hem zwaar wegen. Daarom wil hij liever geen medicatie. Namens betrokkene wordt daarom gevraagd om het verzoek voor verplichte medicatie af te wijzen. Betrokkene stemt wel in met zijn verblijf in de instelling zodat de verdere opname op vrijwillige basis kan plaatsvinden.
4.3.
De behandelaar legt uit dat er bij betrokkene sprake is van een ernstige psychotische depressie. De directe aanleiding voor het ontstaan van de psychose was de hack bij het bedrijf Odido. Betrokkene is vervolgens vrijwillig opgenomen, maar omdat hij de medicatie niet wilde innemen en zijn toestand verslechterde was verplichte zorg nodig. Volgens de behandelaar ontbreekt het betrokkene aan ziekte-inzicht en is de kans groot dat het toestandsbeeld van betrokkene zonder medicatie verder achteruitgaat. In het verleden is gebleken dat betrokkene met dezelfde medicatie goed herstelde. Betrokkene is in de thuissituatie echter gestopt met de medicatie. De klachten die betrokkene nu ervaart zoals sufheid en duizeligheid worden gezien als bijwerkingen die waarschijnlijk verminderen zodra hij beter is ingesteld op de medicatie. De behandelaar vindt het daarom noodzakelijk dat de medicatie verplicht kan worden toegediend om stabiliteit te bereiken. Ook het toedienen van vocht en voeding wordt nodig geacht omdat betrokkene hier nu onvoldoende zelf voor zorgt met eten en drinken. Tijdens een eerder psychotische depressie waren er ook problemen met eten en drinken, toen is overwogen om sondevoeding in te zetten.
4.4.
De begeleiding van betrokkene geeft aan dat er voor de inzet van de medicatie nauwelijks contact mogelijk was met betrokkene. Hij at en dronk bijna niet en leek niet te beseffen dat dit nodig was. Sinds de medicatie is ingezet, is er enige verbetering en is beperkt contact weer mogelijk. Betrokkene heeft echter nog steeds veel aansturing nodig bij dagelijkse dingen zoals eten en drinken. Volgens de begeleiding is structuur en begeleiding hierin noodzakelijk omdat betrokkene dit niet zelfstandig oppakt. Verbetering op dit vlak is pas echt mogelijk als zijn psychische toestand stabieler wordt door de medicatie.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade.
5.3.
De rechtbank neemt hierbij in overweging dat betrokkene bij het weigeren van zijn medicatie het toestandsbeeld plotseling kan verergeren met nog meer depressief en psychotisch functioneren tot gevolg. Dit daarbij ook met recidive suïcidaliteit. Daarnaast zorgt ook met name de weigering van betrokkene om te eten en te drinken tot een ernstige ontregeling.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Bij betrokkene is namelijk vermoedelijke sprake van depressieve-stemmingsstoornissen, schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Er is sprake van een recidief psychotische depressie. Betrokkene heeft geen ziekte-inzicht en geen ziektebesef.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van vocht en voeding;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles.
5.7.
De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de behandelaar tijdens de zitting gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
5.8.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Vanuit zijn psychotische binnenwereld wil betrokkene geen medicatie gebruiken.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1947 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.6. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
20 april 2026.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 30 maart 2026 door mr. Borm, rechter, in aanwezigheid van Van Dijke, griffier en op schrift gesteld op 13 april 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.