Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- het klaagschrift op grond van artikel 552a Sv, ingediend op 9 september 2025 ter griffie van deze rechtbank;
- de kennisgeving van inbeslagneming op grond van artikel 94 Sv Pro, waaruit blijkt dat op 17 juni 2025 onder klager in beslag is genomen: een motorfiets Aprilia RSV Mille, bouwjaar 2000, voorzien van het [kenteken] (hierna: de motorfiets);
- de schriftelijke reactie van het Openbaar Ministerie en
- de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
2.De beoordeling
).Om die reden is de motorfiets van klager in beslag genomen. Gelet op de ernst en de combinatie van de verdenkingen acht de rechtbank het niet hoogst onwaarschijnlijk dat de strafrechter, later oordelend, de verbeurdverklaring van de motorfiets zal uitspreken.
3.De beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).