Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op de Rijksweg A16 te Moerdijk op 18 mei 2024. Betrokkene stelde in beroep dat de gedraging niet is verricht en overhandigde een foto en een getuigenverklaring ter onderbouwing.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Tijdens de zitting was de gemachtigde afwezig. De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs vormt dat de gedraging heeft plaatsgevonden, tenzij er specifieke feiten zijn die dit tegenspreken. De aangevoerde argumenten van betrokkene boden geen aanleiding tot twijfel.
De rechtbank benadrukte dat het vasthouden van een mobiel apparaat tijdens het rijden verboden is, ongeacht het gebruik, en dat dit risico voor rekening van betrokkene komt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens vasthouden van een mobiel apparaat tijdens het rijden is ongegrond verklaard.