ECLI:NL:RBZWB:2026:4028
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom gemeente Tilburg
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen een last onder dwangsom die het college van burgemeester en wethouders van Tilburg op 2 oktober 2025 heeft opgelegd en op 24 februari 2026 in stand heeft gehouden. De voorzieningenrechter beoordeelt dit verzoek zonder zitting omdat het kennelijk ongegrond is.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de begunstigingstermijn inmiddels is verstreken en de maximale dwangsommen zijn verbeurd, mede door onduidelijkheid over het indienen van het beroepschrift en de gronden. Hierdoor kan de voorlopige voorziening niet meer voorkomen dat dwangsommen verbeuren, waardoor het geschil feitelijk een financieel geschil is.
Omdat bij financiële geschillen doorgaans geen spoedeisend belang bestaat en verzoeker geen acute financiële nood of onomkeerbare situatie heeft aangetoond, wordt het spoedeisend belang ontzegd. Verzoeker kan zijn recht alsnog halen via de bodemprocedure. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.