Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.[eiser] , uit [plaats 1] , eiser, (25/4870), en
2.[eiseres] B.V., uit [plaats 1] , eiseres, (25/4925)
.De rechtbank verklaart het beroep daarom gegrond en vernietigt het bestreden besluit. Omdat het college op zitting gemotiveerd heeft dat ook deze strijdigheid is meegenomen bij de vergunningverlening en de rechtbank deze motivering kan volgen, laat de rechtbank de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand.
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 12 augustus 2025;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven;
- draagt het college op het griffierecht van € 194,- aan eiser te vergoeden;
- draagt het college op het griffierecht van € 385,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt het college tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan eiseres.
mr.S.C.J.J. van Roij, griffier op 20 mei 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
- detailhandel
- openbare dienstverlening, met baliefunktie
- horeca
- wonen
- kantoren en bedrijven
- markten
- verkeers-/verblijfsfunctie en overige verhardingen
- parkeer- en groenvoorzieningen