Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.De procedure
- de akte overlegging productie met productie 9 en 10 van [eisende partij]
- de antwoordakte van [gedaagde partij] .
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Gedaagde heeft in 2018 begeleiding geboden bij de echtscheiding van eiseres en haar ex-echtgenoot. Eiseres stelde gedaagde aansprakelijk wegens het niet nakomen van zijn zorgplicht, specifiek met betrekking tot afspraken over de echtelijke woning.
In een eerder tussenvonnis werd vastgesteld dat gedaagde aansprakelijk is voor zijn tekortkomingen bij de meerwaardeclausule van de woning. De rechtbank kon toen de schade nog niet begroten en stelde een schadestaatprocedure voor, waarbij eiseres moest bewijzen dat zij schade had geleden door aan te tonen dat de woning was verkocht.
Eiseres leverde bewijs dat de woning in 2023 voor €321.000 is verkocht, inclusief een nota van afrekening van de notaris. Gedaagde betwistte niet langer de verkoop, maar stelde dat de koopsom niet de enige tegenprestatie was en dat de marktwaarde niet hoger lag dan de koopsom.
De rechtbank achtte het bewijs voldoende en aannemelijk dat schade is geleden. De exacte schade moet nog worden vastgesteld in de schadestaatprocedure. Gedaagde wordt veroordeeld tot vergoeding van de schade en tot betaling van proceskosten en wettelijke rente. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot schadevergoeding wegens schending zorgplicht bij meerwaardeclausule, nader op te maken bij staat.