Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.De procedure
2.De feiten
3.De vorderingen
in conventie,samengevat,
in reconventie, samengevat,
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Partijen hadden een samenlevingsrelatie tot medio 2022 en zijn gezamenlijk eigenaar van een woning. Na beëindiging van de relatie ontstond onenigheid over de verdeling en financiële afwikkeling van de woning. De vrouw vordert vaststelling van de verdeling, een gebruiksvergoeding en betaling van een bedrag gerelateerd aan een levensverzekering.
De man stelt dat met een betaling van €17.000 de vrouw is uitgekocht en dat de overwaarde is verdeeld, maar heeft dit onvoldoende onderbouwd. De rechtbank oordeelt dat de man niet aan zijn bewijslast heeft voldaan en dat de woning nog onverdeeld is. De vrouw hoeft geen gebruiksvergoeding te ontvangen omdat de man sinds december 2022 alle lasten draagt.
De rechtbank veroordeelt de man om binnen 7 dagen opdracht te geven tot taxatie van de woning en binnen een maand na taxatie de woning te leveren, onder voorwaarden waaronder de vrouw wordt ontslagen uit hoofdelijke aansprakelijkheid en een financiële afwikkeling plaatsvindt. Indien de man de woning niet kan financieren, dient verkoop aan een derde plaats te vinden. Tevens wordt de man veroordeeld tot betaling van €33.589,02 aan de vrouw, zijnde haar aandeel in de levensverzekering.
De proceskosten worden gecompenseerd en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot taxatie en levering van de woning met financiële afwikkeling en betaling aan de vrouw van €33.589,02.