ECLI:NL:RBZWB:2026:486

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
12 januari 2026
Publicatiedatum
28 januari 2026
Zaaknummer
C/02/442810 / FA RK 25-6335
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Van de Kraats
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:253a BWArt. 810 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vervangende toestemming voor schoolinschrijving en medische behandeling van minderjarige kinderen

De vrouw verzocht de rechtbank om vervangende toestemming te verlenen voor de inschrijving van haar twee minderjarige kinderen op scholen en voor medische behandelingen, omdat de man, met wie zij gezamenlijk het ouderlijk gezag deelt, geen toestemming gaf en niet op de zitting verscheen.

De rechtbank stelde vast dat de kinderen bij de vrouw wonen en dat de man sinds juni 2023 geen contact met hen heeft. De vrouw onderbouwde het verzoek met medische en pedagogische redenen, waaronder een spraak- en taalachterstand van een van de kinderen en de noodzaak van een cranio-behandeling en een medische ingreep aan de tongriem.

De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde de rechtbank om het verzoek toe te wijzen. De rechtbank oordeelde dat het belang van de kinderen voorop staat en dat de man geen verweer heeft gevoerd. Daarom verleende de rechtbank de vervangende toestemming, verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad en bepaalde dat iedere partij haar eigen proceskosten draagt.

Uitkomst: De rechtbank verleent vervangende toestemming aan de moeder voor schoolinschrijving en medische behandeling van de minderjarige kinderen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/442810 / FA RK 25-6335
Datum uitspraak: 12 januari 2026
Beschikking van de kinderrechter over vervangende toestemming
in de zaak van
[de vrouw] ,
hierna te noemen de vrouw,
wonende in [plaats 1] ,
advocaat mr. R.E. Teusink uit Roosendaal,
tegen
[de man],
hierna te noemen de man,
ingeschreven te [plaats 2] , maar feitelijk verblijvende op een voor de rechtbank onbekende plaats.
over
- [minderjarige 1]geboren op [geboortedag 1] 2018 in [geboorteplaats] , hierna te noemen [minderjarige 1] .
- [minderjarige 2]geboren op [geboortedag 2] 2020 in [geboorteplaats] , hierna te noemen [minderjarige 2] ,
Op grond van het bepaalde in artikel 810 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
is in de procedure gekend
de Raad voor de Kinderbescherming, regio Zuidwest Nederland, locatie Breda, hierna te noemen: de Raad, om de rechtbank over het verzoek te adviseren.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met producties, ontvangen op 9 december 2025.
1.2.
De zitting heeft, met gesloten deuren, plaatsgevonden op 9 januari 2026. Daarbij waren aanwezig:
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- een vertegenwoordigster van de Raad.
1.3.
De man is niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat hij wel juist is opgeroepen.

2.De feiten

2.1.
Partijen zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 2] en [minderjarige 1] .
2.2.
[minderjarige 2] en [minderjarige 1] wonen bij de vrouw.

3.Het verzoek

3.1.
De vrouw verzoekt, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, vervangende toestemming te verlenen voor:
1. de inschrijving van het minderjarig kind van partijen [minderjarige 2] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 2] 2020, bij de school voor speciaal onderwijs [speciaal onderwijs] , gevestigd aan [adres 1] te [plaats 3] ;
2. het ondergaan van het minderjarig kind van partijen [minderjarige 2] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 2] 2020, van een cranio behandeling bij [hulpverlening] , gevestigd aan [adres 2] te [plaats 3] ;
3. de inschrijving van het minderjarig kind van partijen [minderjarige 1] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 2018, bij de [school] , gevestigd [adres 3] te [plaats 3] ;
4. het ondergaan door het minderjarig kind van partijen [minderjarige 1] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 2018, van een medische behandeling aan zijn tongriem in het [ziekenhuis] te [plaats 4] ,
althans zodanige vervangende toestemmingen als het de rechtbank in goede justitie zal vermenen te behoren, kosten rechtens.
3.2.
De man heeft geen verweer gevoerd.

4.De standpunten

De vrouw
4.1.
Ter onderbouwing van het verzoek voert de vrouw het volgende aan. Sinds juni 2023 is er geen contact tussen de man en de kinderen. De vrouw heeft al tweemaal aan de rechtbank vervangende toestemming moeten vragen om met [minderjarige 1] en [minderjarige 2] op vakantie te kunnen, omdat de man daarvoor geen toestemming verleende. Ondanks dat er, in het kader van de door de vrouw gestarte procedure tot verkrijging van het eenhoofdig gezag over de kinderen, een raadsonderzoek loopt, moet de vrouw nu opnieuw enkele vervangende toestemmingen aanvragen, omdat de man niet reageert.
4.2.
[minderjarige 2] volgt therapie bij [pedagoog] te [plaats 2] . De vrouw weet dat [pedagoog] te [plaats 2] ook geprobeerd heeft contact met de man te leggen om toestemming te krijgen, maar hierop is geen reactie ontvangen. Volgens de vrouw is het wenselijk dat [minderjarige 2] wordt ingeschreven op school [speciaal onderwijs] te [plaats 3] voor speciaal onderwijs, vanwege haar spraak- en taalachterstand. Daarnaast vindt de vrouw het belangrijk dat [minderjarige 2] een cranio-behandeling volgt bij [hulpverlening] in [plaats 3] . Deze behandeling is een traumabehandeling en [minderjarige 2] is hier door [pedagoog] te [plaats 2] naar doorverwezen.
4.3.
[minderjarige 1] zit op dit moment op de vrije school [basisschool] te [plaats 2] . Het is in het belang van [minderjarige 1] dat hij wordt ingeschreven op de [school] in [plaats 3] , waar ook [minderjarige 2] naar school gaat. De vrouw moet momenteel het vervoer van [minderjarige 1] naar de school in [plaats 2] regelen, maar door de schooltijden kan zij niet op twee plekken tegelijk zijn. Daarom is het noodzakelijk dat [minderjarige 1] naar de [school] in [plaats 3] gaat. Zodra de vrouw uit de ziektewet is en weer gaat werken, wordt het voor haar veel eenvoudiger om het vervoer van de kinderen naar school te combineren. Bovendien biedt de [school] in [plaats 3] meer ondersteuning en is er een goede BSO-regeling aanwezig. [minderjarige 1] moet daarnaast een medische behandeling ondergaan bij het [ziekenhuis] te [plaats 4] , waarbij zijn tongriem moet worden ingeknipt vanwege een spraakprobleem.
4.4.
Ondanks meerdere verzoeken verleent de man geen toestemming voor het voormelde. Hij heeft herhaaldelijk in antwoord op mails van de vrouw aangegeven de toestemmingen te zullen toesturen, maar deze zijn bij de vrouw niet ontvangen. Gelet op het voorgaande verzoekt de vrouw om vervangende toestemming te verlenen, zulks ter vervanging van de ontbrekende toestemming van de man.
De Raad
4.5.
De Raad acht het in het belang van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] dat het verzoek van de vrouw wordt toegewezen.

5.De beoordeling

5.1.
Zoals hiervoor reeds overwogen zijn partijen gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 2] en [minderjarige 1] , hetgeen met zich brengt dat zij beiden voor een eventuele inschrijving van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] op een school, of voor het ondergaan van een medische behandeling, de toestemming van de ander nodig hebben.
5.2.
Op grond van artikel 1:253a van het Burgerlijk Wetboek kan in geval van gezamenlijke uitoefening van het gezag een geschil tussen de ouders hierover op verzoek van de ouders of een van hen aan de rechtbank worden voorgelegd. Omdat de man geen toestemming geeft, zal de rechtbank een beslissing nemen op het verzoek van de vrouw. De rechtbank neemt de beslissing die haar in het belang van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] wenselijk voorkomt.
5.3.
Uit de overgelegde stukken en hetgeen is besproken tijdens de zitting is de noodzaak voor het verlenen van de gevraagde vervangende toestemmingen, in het belang van de kinderen, gebleken. Uit de overgelegde e-mails blijkt ook dat de man akkoord gaat, maar hij heeft geen verdere stappen ondernomen; de vrouw heeft geen toestemming ontvangen. Hij is daarnaast niet verschenen ter zitting en heeft geen verweer gevoerd. De rechtbank zal daarom de vervangende toestemming aan de vrouw verlenen.
5.4.
De rechtbank zal de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.
5.5.
Gelet op de relatie tussen partijen en nu het geschil betrekking heeft op hun beider kinderen, zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt, zoals gebruikelijk is in familierechtelijke procedures. De rechtbank ziet geen aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken.
5.6.
Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent aan de vrouw – ter vervanging van de ontbrekende toestemming van de man – toestemming om:
1. het minderjarig kind van partijen [minderjarige 2] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 2] 2020, in te schrijven op de school voor speciaal onderwijs [speciaal onderwijs] , gevestigd aan [adres 1] te [plaats 3] ;
2. het minderjarig kind van partijen [minderjarige 2] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 2] 2020, aan te melden voor een cranio behandeling bij [hulpverlening] , gevestigd aan [adres 2] te [plaats 3] ;
3. het minderjarig kind van partijen [minderjarige 1] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 2018, in te schrijven bij de [school] , gevestigd [adres 3] te [plaats 3] ;
4. het minderjarig kind van partijen [minderjarige 1] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 2018, een medische behandeling te laten ondergaan aan zijn tongriem in het [ziekenhuis] te [plaats 4] ;
6.2.
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
6.3.
compenseert de kosten van partijen in deze procedure, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 12 januari 2026 door mr. Van de Kraats, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. Van Krieken als griffier.
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
  • degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
  • andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.