ECLI:NL:RBZWB:2026:4936
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek herziening AOW-pensioen wegens gezamenlijke huishouding
Eiser ontving een AOW-pensioen als ongehuwde, maar na inschrijving van een partner op zijn adres wijzigde de SVB dit in een gehuwdenpensioen. Eiser maakte bezwaar en vroeg later om herziening, maar de SVB handhaafde haar besluit. De rechtbank beoordeelde het beroep tegen deze afwijzing.
De rechtbank oordeelde dat de SVB terecht geen nieuwe feiten of omstandigheden (nova) had vastgesteld die aanleiding gaven om het eerdere besluit te herzien. De ontbinding van de samenlevingsovereenkomst was al bekend en meegenomen in eerdere besluiten. De beslissing van de Dienst Toeslagen over zorgtoeslag, hoewel nieuw, was niet relevant vanwege een ander partnerbegrip.
Verder concludeerde de rechtbank dat er feitelijk nog steeds sprake is van een gezamenlijke huishouding, zoals wettelijk gedefinieerd, en dat de SVB voldoende onderzoek had verricht. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, met als gevolg dat het AOW-pensioen niet wordt gewijzigd en eiser geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot herziening van het AOW-pensioen wordt ongegrond verklaard.