Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
voorlopiggerechtigd zijn tot het hebben van contact/omgang met elkaar twee dagen per week van 09.00 uur tot 17.00 uur.
4.De standpunten
De Raad maakt zich ernstige zorgen over de sociaal/emotionele en identiteitsontwikkeling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . Het lukt ouders niet om te komen tot het duurzaam vormgeven van gezamenlijk ouderschap, ondanks de inzet van hulpverlening en positieve stappen die zij hebben gezet. Vader kan zich fors uiten richting moeder en belemmert met momenten gezagsbeslissingen. Een zorg is dat dit moeder (emotioneel) belast, iets wat van invloed is op de opvoeding en verzorging van de kinderen. Het is belangrijk dat er naar een situatie wordt gegaan waar ouders zich zo comfortabel mogelijk bij voelen, waarin zij dat kunnen uitdragen naar de kinderen en waarbij zij dat weten vast te houden. Het stoppen van de omgang (door moeder) heeft gevolgen voor het opbouwen en onderhouden van een veilige hechtingsrelatie tussen vader en de kinderen. Daarnaast is het verwarrend voor de kinderen om geen duidelijkheid te ervaren in het contact met hun vader.
5.De beoordeling
6.De beslissing
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.