Uitspraak
1.de besloten vennootschap EARLSTONE & PARTNERS B.V.,2. de besloten vennootschap LAGUNE INVESTMENTS B.V.,
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de dagvaarding van 3 juni 2025 met producties, het herstelexploot van 27 juni 2025 en de akte van [eisende partij] tot overlegging een productie;
- de conclusie van antwoord met producties;
- de akte voorwaardelijke eiswijziging van [eisende partij] ;
- de conclusie van repliek met producties, tevens akte eiswijziging;
- de conclusie van dupliek.
3.De feiten
“(…)2. De gemeente enerzijds en Earlstone & Partners BV en Lagune Investments B.V. anderzijds betalen elk € 10.000 aan [eisende partij] .
4.Het geschil
5.De beoordeling
Partijen in de procedure met zaaknummer 200.31.776 verlenen elkaar, na betaling van het overeengekomen bedrag finale kwijting met betrekking tot de kwestie waarover zij deze rechtszaak bij dit hof en bij het gerechtshof Den Bosch onder zaaknummer 200.323.491 voerden. De kantonrechter is van oordeel dat de vermelding “partijen in procedure 776” ziet op zowel [eisende partij] , de gemeente Loon op Zand als Earlstone c.s. De afspraak onder 7 dient voor wat betreft de partijen in deze zaak ( [eisende partij] en Earlstone c.s.) naar het oordeel van de kantonrechter tekstueel zo gelezen te worden dat zij na de in het proces-verbaal genoemde betalingen niets meer van elkaar te vorderen hebben met betrekking tot de geschillen in procedure 776 en in procedure 491. De finale kwijting is bedoeld om discussie over nieuwe aanspraken op (terug)betaling uit te sluiten.
de kwestie waarover de rechtszaak is gevoerden dat enkel ziet op het bodemgeschil dat nog liep bij het Hof Den Bosch (procedure 491). De kantonrechter volgt [eisende partij] daarin niet. Onder 7 van het proces-verbaal is namelijk de rechtszaak bij dit Hof en het Hof Den Bosch genoemd. Met
dit Hofis Hof Arnhem-Leeuwarden bedoeld en de regeling ziet daarmee op zowel de hele procedure bij het Hof Arnhem Leeuwarden (procedure 776), waaronder ook de beschikking van het Hof Arnhem-Leeuwarden van 13 december 2022, als de procedure bij het Hof Den Bosch (procedure 491). [eisende partij] heeft dit niet anders kunnen opvatten. De procedures 776 als 491 gaan beiden ook over dezelfde kwestie, namelijk verjaring van de strook grond. Daarom moet er vanuit worden gegaan dat de vermelding
de kwestie waarover de rechtszaak is gevoerdziet op alle lopende geschillen tussen partijen in de procedures bij Hof Arnhem en Hof Den Bosch, zoals ook Earlstone c.s. aanvoert.
“Partijen dragen ieder de eigen kosten van deze verzoekschriftprocedure.”.De kantonrechter is van oordeel dat
deze verzoekschriftproceduretekstueel zo gelezen dient te worden dat het ziet op de door partijen gemaakte proceskosten bij het Hof Arnhem-Leeuwarden (procedure 776). [eisende partij] stelt dat met de afspraak onder 10 de beslissing van het Hof Arnhem-Leeuwarden van 13 december 2022 (procedure 776) onder 4.8 waar Earlstone c.s. is veroordeeld tot terugbetaling van de daar genoemde proceskosten niet is komen te vervallen en dat terugbetaling een logisch uitvloeisel is van het uitgangspunt ieder de eigen kosten. Daarin volgt de kantonrechter [eisende partij] niet. Terugbetaling van het bedrag van € 4.730,00 is namelijk niet opgenomen in het proces-verbaal en onder 7 is de afspraak gemaakt van finale kwijting na betaling van de in de regeling overeengekomen bedragen. Die overeengekomen bedragen zien op de helft van de proceskosten die de Hoge Raad bij arrest van 15 juli 2022 heeft toegewezen aan [eisende partij] (nummer 6 proces-verbaal) én betaling door Earlstone c.s. van het bedrag van € 10.000,00 aan [eisende partij] (nummer 2 proces-verbaal). Van dit laatste bedrag is niet verduidelijkt waarop dit ziet, zodat het gezien moet worden als een all-in vergoeding.