Uitspraak
[verzoeker] , uit [woonplaats] , verzoeker
de burgemeester van de gemeente Terneuzen.
Inleiding
.Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De zaak betreft een verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit van de burgemeester van Terneuzen om de woning van verzoeker voor twee maanden te sluiten. Verzoeker betwist de sluiting en voert meerdere gronden aan om het besluit te schorsen.
De voorzieningenrechter constateert dat de bevoegdheid van de burgemeester om tot sluiting over te gaan niet wordt betwist en dat de burgemeester de sluiting duidelijk en redelijk heeft gemotiveerd, met name vanwege het voorkomen van overlast ('de loop eruit halen'). De geschiktheid van de maatregel staat niet ter discussie.
De voorzieningenrechter weegt ook de evenredigheid van de maatregel. Hoewel verzoeker aangeeft dat alternatieve huisvesting niet haalbaar is en vreest de woning definitief kwijt te raken, is er sprake van verwijtbaarheid van verzoeker zelf. De tijdelijke sluiting is een logisch gevolg van zijn gedragingen. Medische omstandigheden en mogelijke ontbinding van de huurovereenkomst worden niet als zwaarwegend genoeg gezien om de sluiting te schorsen.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af, met de kanttekening dat de burgemeester verzoeker vier weken uitstel geeft voordat de sluiting ingaat, zodat hij nog kan verblijven tijdens een ziekenhuiscontrole. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen.