ECLI:NL:RBZWB:2026:5134

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
11 mei 2026
Publicatiedatum
11 juni 2026
Zaaknummer
C/02/447889 / FA RK 26-2324
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • Janssen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel wegens suïcidale gedachten en psychische stoornis bij minderjarige

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 11 mei 2026 een beschikking gegeven tot voortzetting van een crisismaatregel voor een minderjarige betrokkene die suïcidale gedachten vertoont en vermoedelijk lijdt aan depressieve en gedragsstoornissen.

De crisismaatregel was afgegeven door de burgemeester op 6 mei 2026 en de officier van justitie verzocht om verlenging voor drie weken. Tijdens de zitting met gesloten deuren werden betrokkene, haar advocaat, een tolk, behandelcoördinator, verpleegkundig specialist en haar moeder gehoord.

De rechtbank stelde vast dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door levensgevaar en ernstige psychische schade. Betrokkene had voorafgaand aan de maatregel suïcideplannen en was volledig afgesloten van contact. De moeder is overbelast door het 24-uurstoezicht.

De medische verklaring wijst op depressieve-stemmingsstoornissen en impulsbeheersingsproblemen. De rechtbank achtte het noodzakelijk om de bewegingsvrijheid te beperken en opname in een accommodatie voort te zetten, terwijl andere vormen van verplichte zorg niet noodzakelijk werden geacht.

Hoewel betrokkene zich tegen de zorg verzet, zijn er geen minder bezwarende alternatieven. De machtiging wordt verleend tot en met 1 juni 2026, met het oog op veiligheid en bevordering van maatschappelijke deelname.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de crisismaatregel voor drie weken met verplichte opname en bewegingsbeperking.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/447889 / FA RK 26-2324
Datum uitspraak: 11 mei 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 2011 te [geboorteplaats] (Noorwegen),
hierna te noemen: betrokkene,
wonend te [plaats] ,
advocaat: mr. V.C. Andeweg uit Breda.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 7 mei 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 11 mei 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat en een tolk in de Poolse taal;
  • mevrouw [persoon 1] , behandelcoördinator;
  • mevrouw [persoon 2] , verpleegkundig specialist;
  • mevrouw [persoon 3] , de moeder van betrokkene.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [accommodatie] . De burgemeester van de gemeente [plaats] heeft de crisismaatregel op 6 mei 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene verklaart dat zij graag terug naar huis wil en niet langer in de accommodatie wil verblijven, ook niet op vrijwillige basis. Het klopt dat betrokkene voorafgaand aan de crisismaatregel suïcide wilde plegen, maar inmiddels gaat het beter met haar.
4.2.
De behandelcoördinator vindt het belangrijk dat betrokkene in de komende periode in de accommodatie verblijft zodat zij leert om hulp te vragen en vaardigheden aanleert die zij tijdens een crisissituatie kan toepassen. Voor de komende periode acht de behandelcoördinator enkel het beperken van de bewegingsvrijheid en het opnemen in een accommodatie noodzakelijk als vormen van verplichte zorg.
4.3.
De verpleegkundig specialist verklaart dat betrokkene in de afgelopen dagen beter in contact is geraakt met de zorg en heeft verteld dat zij met momenten suïcidale gedachten heeft. De verpleegkundig specialist zou graag zien dat betrokkene in de komende periode op vrijwillige basis in de accommodatie verblijft om te leren om hulp te vragen en zodat een plan kan worden opgesteld voor een terugkeer naar de thuissituatie. Daar komt bij dat de moeder heeft aangegeven het nog erg spannend te vinden als betrokkene op dit moment naar huis zou gaan, alsook dat zij niet de hele dag bij betrokkene kan blijven. Dit maakt een voortzetting van de opname in de accommodatie noodzakelijk.
4.4.
De moeder van betrokkene stelt dat betrokkene hulp nodig heeft. Hier is de moeder van betrokkene al langere tijd naar op zoek. Hoewel de moeder van betrokkene begrijpt dat betrokkene niet langer in de accommodatie wil verblijven, is zij ook bang dat betrokkene zichzelf iets aan zal doen als zij terugkeert naar de thuissituatie. Daar komt bij dat de moeder van betrokkene niet 24 uur per dag zicht kan houden op betrokkene.
4.5.
De advocaat van betrokkene bepleit primair afwijzing van het verzoek, nu betrokkene duidelijk naar voren heeft gebracht niet langer in de accommodatie te willen verblijven. In geval de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel toch wordt verleend, wordt subsidiair verzocht de zorgmodaliteiten te beperken tot het opnemen in een accommodatie en het beperken van de bewegingsvrijheid.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- levensgevaar;
- ernstige psychische schade.
5.3.
De rechtbank neemt hierbij in overweging dat betrokkene al enige tijd suïcidale gedachten heeft en voorafgaand aan de crisismaatregel voornemens was suïcide te plegen. Zij had daarvoor op internet gezocht naar manieren om zichzelf van het leven te beroven en had reeds een afscheidsbrief geschreven. Daar komt bij dat betrokkene volledig uit contact was gegaan en zich niet meer uitliet over wat zij dacht of voelde. Daarnaast is gebleken dat de moeder van betrokkene overbelast is geraakt doordat zij 24-uurstoezicht probeert te bieden om de veiligheid van betrokkene te waarborgen.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Uit de medische verklaring volgt namelijk dat bij betrokkene vermoedelijk sprake is van depressieve-stemmingsstoornissen en disruptieve, impulsbeheersings- en andere gedragsstoornissen.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- opnemen in een accommodatie.
5.7.
De overige door de officier van justitie verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de behandelcoördinator en de verpleegkundig specialist tijdens de zitting gemotiveerd hebben verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
5.8.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Hoewel de verpleegkundig specialist tijdens de zitting nadrukkelijk heeft verklaard dat een voortzetting van het verblijf in de accommodatie op vrijwillige basis de voorkeur heeft, heeft betrokkene duidelijk naar voren gebracht dat zij niet op vrijwillige basis in de accommodatie wil verblijven.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
5.10.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel zal worden verleend voor de verzochte duur van drie weken.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 2011 in [geboorteplaats] (Noorwegen), wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.6 staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 1 juni 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 11 mei 2026 door mr. Janssen, rechter, in aanwezigheid van mr. Palings, griffier en op schrift gesteld op 20 mei 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.