ECLI:NL:RBZWB:2026:5153
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag parkeerbelasting vernietigd wegens onvoldoende kenbaarheid parkeerzone
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd omdat op 4 oktober 2024 geen parkeerbelasting was voldaan voor het parkeren aan de Stationsstraat te Etten-Leur. De heffingsambtenaar verklaarde het bezwaar ongegrond, waarna belanghebbende beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag ten onrechte is opgelegd omdat niet is voldaan aan het kenbaarheidsvereiste. Belanghebbende stelde dat er sprake was van vrij parkeren omdat het parkeerbord pas na de parkeervakken stond en de Stationsstraat een eenrichtingsweg is. De heffingsambtenaar kon niet aannemelijk maken dat belanghebbende een parkeerbord was gepasseerd voordat zij parkeerde.
De rechtbank concludeert dat het voor belanghebbende niet voldoende kenbaar was dat op die locatie parkeerbelasting verschuldigd was. Daarom wordt de naheffingsaanslag en de uitspraak op bezwaar vernietigd. De heffingsambtenaar moet het griffierecht vergoeden, maar er zijn geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt vernietigd wegens onvoldoende kenbaarheid van de parkeerzone.