Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
STICHTING JEUGDBESCHERMING WEST ZEELAND, gevestigd te Middelburg,
1.De beoordeling
2.De beslissing
[de moeder],
[de moeder],
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze zaak heeft de kinderrechter op verzoek van de advocaat van de ouders een kennelijke fout in de beschikking van 10 maart 2026 hersteld. Het verzoek betrof het verbeteren van de advocaatvermelding van de moeder en vader, die in de oorspronkelijke beschikking ontbrak.
De kinderrechter ontving het verzoek op 30 april 2026 en vroeg op 6 mei 2026 aan de belanghebbenden om te reageren, waarop geen reactie volgde. Op grond van artikel 31 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een rechter een kennelijke fout in een beschikking verbeteren indien deze zich eenvoudig laat herstellen en voor partijen en derden direct duidelijk is dat sprake is van een vergissing.
De kinderrechter oordeelde dat aan deze voorwaarden was voldaan en verbeterde de beschikking door de advocaatvermelding van mr. M.V. de Nooijer voor zowel de moeder als de vader toe te voegen. De rest van de beschikking bleef ongewijzigd. De beschikking werd op 18 mei 2026 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: De kinderrechter herstelt de beschikking van 10 maart 2026 door de advocaatvermelding van de ouders toe te voegen, zonder verdere wijziging.