Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- mevrouw [naam 1] , mentor;
- de heer [naam 2] , casemanager FACT-team.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 15 mei 2026 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1963, die lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en neurobiologische ontwikkelingsstoornissen. Betrokkene vertoont ernstig nadeel, waaronder verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang, agressie oproepend gedrag en gevaar voor de veiligheid.
Tijdens de zitting, die achter gesloten deuren plaatsvond, werd betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn advocaat, evenals zijn mentor en casemanager. Betrokkene ontkent het probleem en weigert mee te werken, terwijl de casemanager en mentor benadrukken dat betrokkene structureel medicatie (depot) nodig heeft om zijn toestand te stabiliseren. Er is geen ziekte-inzicht en vrijwillige zorg is niet haalbaar.
De rechtbank oordeelt dat verplichte zorg noodzakelijk is en wijst de zorgmachtiging toe voor zes maanden. De toegewezen maatregelen omvatten het toedienen van medicatie, medische controles en beperkingen in de bewegingsvrijheid en het gebruik van communicatiemiddelen, maar niet het opnemen in een accommodatie of bewegingsbeperking. De beschikking is op 15 mei 2026 mondeling gegeven en op 22 mei 2026 schriftelijk vastgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte medicatie en medische controles, zonder bewegingsbeperking of opname.