Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
feit 2:zich schuldig heeft gemaakt aan huisvredebreuk;
feit 2:zijn geslachtsdeel in het openbaar heeft getoond.
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
op 21 februari 2026 te Breda [slachtoffer 1] heeft mishandeld, door die [slachtoffer 1]
met gebalde vuist tegen de kaak te stompen;
op 21 februari 2026 te Breda het besloten lokaal, te weten de vestiging van
[stichting] gevestigd aan [adres 2] ,
bij [stichting] in gebruik, wederrechtelijk aldaar vertoevende
en zich niet op de vordering van of vanwege de rechthebbende aanstonds heeft
verwijderd;
op 21 december 2025 te Breda opzettelijk, in het openbaar te weten aan [adres 3] ,
handelingen die aanstotelijk waren voor de eerbaarheid heeft verricht, te weten het tonen van zijn geslachtsdeel.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.Beslissing
spreekt verdachte vrijvan feit 1 onder parketnummer 02-348511-25;
plaatsingvan verdachte
in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van twee jaar;
niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte voor het einde van de
proeftijd van twee jarenna te melden voorwaarden niet heeft nageleefd;
algemene voorwaarden:
bijzondere voorwaarden:
hij op of omstreeks 21 februari 2026 te Breda, althans in Nederland,
[slachtoffer 1] heeft mishandeld, door die [slachtoffer 1]
(met kracht) (met gebalde vuist) op/tegen de kaak, althans het lichaam te
slaan/stompen/stoten;
( art 300 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht )
hij op of omstreeks 21 februari 2026 te Breda, althans in Nederland
in de woning, het besloten lokaal en/of het besloten erf, te weten de vestiging van
[stichting] gevestigd op/aan [adres 2]
bij [stichting] , althans bij een ander of anderen dan bij
verdachte, in gebruik
wederrechtelijk aldaar vertoevende
zich niet op de vordering van of vanwege de rechthebbende aanstonds heeft
verwijderd
( art 138 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht )
gedurende en/of terzake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar bediening
heeft mishandeld door voornoemde [slachtoffer 2] meermalen, althans eenmaal, met
kracht in het gezicht, althans tegen het hoofd, te slaan en/of stompen;
( art 300 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 304 lid 1 ahf Pro/sub 3° Wetboek van
Strafrecht )
hij op of omstreeks 21 december 2025 te Breda,
[slachtoffer 3] heeft mishandeld, door die [slachtoffer 3] in het gezicht te slaan;
( art 300 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht )
hij op of omstreeks 21 december 2025 te Breda
opzettelijk in het openbaar, te weten aan [adres 3]
een of meer handelingen die aanstotelijk waren voor de eerbaarheid heeft verricht,
te weten het tonen van zijn geslachtsdeel;
( art 254b Wetboek van Strafrecht )