Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:5601

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
26 juni 2026
Publicatiedatum
25 juni 2026
Zaaknummer
02-074304-26
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 57 SrArt. 312 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor winkeloverval met geweld en bezit van verboden wapens

Op 11 maart 2026 pleegde verdachte een winkeloverval bij een supermarkt in [plaats 2], waarbij hij een geldbedrag van €620,- uit de kassalade wegnam. Tijdens de overval richtte hij een stroomstootwapen op een medewerkster en gebruikte dit tegen een klant, wat sterke gevoelens van angst veroorzaakte.

Daarnaast had verdachte meerdere verboden wapens in zijn bezit, waaronder drie stroomstootwapens, twee messen en een gasdrukwapen. De rechtbank achtte deze feiten wettig en overtuigend bewezen, mede door de bekennende verklaring van verdachte en diverse proces-verbalen.

Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. De rechtbank verwierp het verweer van vormverzuim bij de politie-inzet van het stroomstootwapen, oordelend dat de politie proportioneel en subsidiariteit in acht nam.

De straf houdt rekening met de ernst van de feiten, het ontbreken van eerdere veroordelingen en de proceshouding van verdachte. De tijd in voorarrest wordt in mindering gebracht op de straf.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, voor winkeloverval met geweld en bezit van verboden wapens.

Uitspraak

Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht
Zittingsplaats: Breda
Parketnummer: 02-074304-26
Vonnis van de meervoudige kamer van 26 juni 2026
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] (Roemenië) op [geboortedag] 1984,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:
[adres] ,
thans gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting te [plaats 1] ,
raadsman mr. G. Vermeulen, advocaat te Tilburg.

1.Onderzoek op de terechtzitting

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 12 juni 2026, waarbij de officier van justitie mr. I.M. Peters en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2.De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een winkeloverval en het voorhanden hebben van stroomstootwapens, messen en een gasdrukwapen.

3.De voorvragen

De dagvaarding is geldig.
De rechtbank is bevoegd.
De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.
Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4.De beoordeling van het bewijs

4.1.
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan.
4.2.
Het standpunt van de verdediging
De verdediging voert geen bewijsverweer.
4.3.
Het oordeel van de rechtbank
Aangezien verdachte ten aanzien van de feiten 1, 2, 3 en 4 een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, zal worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en acht de rechtbank die feiten wettig en overtuigend bewezen, gelet op:
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 12 juni 2026;
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 1] van 11 maart 2026, pagina 39 e.v. van het eindproces-verbaal met dossiernummer PL2000-2026065575;
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 2] van 11 maart 2026, pagina 42 e.v. van het eindproces-verbaal met dossiernummer PL2000-2026065575;
- Het proces-verbaal van bevindingen van [aangever 3] pagina 89 e.v. van het eindproces-verbaal met dossiernummer PL2000-2026065575;
- Het proces-verbaal van bevindingen van [aangever 4] , pagina 96 e.v. van het eindproces-verbaal met dossiernummer PL2000-2026065575;
- Het proces-verbaal van bevindingen van [aangever 4] , pagina 99 e.v. van het eindproces-verbaal met dossiernummer PL2000-2026065575;
- Het proces-verbaal van bevindingen van [aangever 5] , pagina 102 e.v. van het eindproces-verbaal met dossiernummer PL2000-2026065575.
4.4.
De bewezenverklaring
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte
1.
op 11 maart 2026 te [plaats 2] een geldbedrag van € 620,-, dat aan LIDL toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen welke diefstal werd vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [aangever 1] en/of [aangever 2] gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, en om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- die [aangever 1] te vertellen 'give me the money' en 'taser' en 'give me the money, give me the money' en 'open it, open it', en/of
- die [aangever 1] een taser te tonen en deze bij haar arm te houden, en/of
- een elektrische stroomstoot op de bovenarm van die [aangever 2] toe te dienen, en/of
- in de kassalade te graaien, geld te pakken en dit in zijn zakken te stoppen;
2.
op 11 maart 2026 te [plaats 2] wapens van categorie II, onder 5 van de Wet wapens en munitie, te weten
- een stroomstootwapen, merk Paral Yseur, en
- een stroomstootwapen, merk onbekend, type 801, en
- een stroomstootwapen, merk So’n Bu’u 80kv,
zijnde voorwerpen waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos konden worden gemaakt of pijn kon worden toegebracht voorhanden heeft gehad;
3.
op 11 maart 2026 te [plaats 2] wapens van categorie I onder 2° van de Wet wapens en munitie, te weten
- een opvouwbaar mes, merk CCCP model AK-47, en
- een mes, merk Hibben Knives, model Rabolll
voorhanden heeft gehad;
4.
op 11 maart 2026 te [plaats 2] een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk een gasdrukwapen Glock 17 gen 5 voorhanden heeft gehad.
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.
De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5.De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.
Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn/haar strafbaarheid uitsluit.

6.De strafoplegging

6.1.
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf van 2 jaar met aftrek van voorarrest.
6.2.
Het standpunt van de verdediging
De verdediging stelt zich op het standpunt dat sprake is van een vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv, wat moet leiden tot strafvermindering. Bij de aanhouding van verdachte is door de politie gebruik gemaakt van een stroomstootwapen. Deze inzet voldeed niet aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit als bedoeld in artikel 7 Politiewet Pro.
6.3.
Het oordeel van de rechtbank
Aard en ernst van de feiten
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een winkeloverval bij de Lidl in [plaats 2] waarbij geld uit de kassalade werd weggenomen. Bij de overval richtte verdachte een stroomstootwapen naar een medewerkster en heeft hij het stroomstootwapen gebruikt tegenover een klant. Het handelen van verdachte getuigt van een gebrek aan respect voor andermans eigendom. Verdachte heeft slechts oog gehad voor het geld in de kassalade en de schadelijke gevolgen van zijn handelen voor anderen waren voor hem van ondergeschikt belang. Met de winkeloverval heeft hij sterke gevoelens van angst en onveiligheid veroorzaakt bij de direct betrokken medewerkster, maar ook bij haar aanwezige collega’s en de klanten die direct of indirect getuige waren. Dit soort overvallen draagt bovendien bij aan de in de samenleving bestaande gevoelens van onrust en onveiligheid.
Daarnaast heeft verdachte meerdere stroomstootwapens, messen en een gasdrukwapen voorhanden gehad. Het ongecontroleerde bezit van wapens vormt een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen en leidt op zichzelf al tot gevoelens van onveiligheid in de maatschappij.
De persoonlijke omstandigheden
De rechtbank heeft kennis genomen van het strafblad van verdachte van 13 mei 2026, waaruit blijkt dat hij niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten.
De straf
Gelet op de aard en ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan is de rechtbank van oordeel dat niet met een andere straf dan een (deels) onvoorwaardelijke gevangenisstraf kan worden volstaan. Wat betreft de hoogte van deze op te leggen gevangenisstraf heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij de LOVS-oriëntatiepunten. De oriëntatiepunten gaan, voor een overval op een winkel waarbij is gedreigd of licht geweld is gebruikt, uit van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 24 maanden. De rechtbank weegt in het voordeel van verdachte mee zijn proceshouding op zitting en houdt er in de strafmodaliteit rekening mee dat hij niet eerder met politie of justitie in aanraking is geweest.
Ten aanzien van het aangevoerde vormverzuim is de rechtbank van oordeel dat het optreden van de politie niet onrechtmatig of disproportioneel is geweest. Uit het proces-verbaal van aanhouding van verdachte blijkt dat de aanleiding voor de aanhouding al verontrustend was. Er was melding gedaan van een winkeloverval met geweld, waarbij een wapen is getoond en gebruikt. Toen de verbalisanten ter plaatse kwamen en “Stop, politie” naar verdachte riepen, rende hij hard weg. Nog daargelaten dat deze eenvoudige Nederlandse woorden ook voor anderstaligen te begrijpen zijn, heeft verdachte ter zitting zelf verklaard dat hij wegrende om uit de handen van de politie te blijven. Ondanks meerdere mondelinge waarschuwingen en vier waarschuwingsschoten bleef verdachte rennen. Ook nadat de verbalisant kans zag verdachte te raken met de kolf van het vuurwapen, voldeed verdachte niet aan de gegeven bevelen. Zelfs op het moment dat de politie het stroomstootwapen inzette en verdachte naar de grond werkte, bleef hij zich verzetten. Gelet op de aard van de melding, het gedrag van verdachte, de meerdere gegeven waarschuwingen, en de volhardende weigering van verdachte om te voldoen aan de bevelen van de verbalisanten, zijn de grenzen van proportionaliteit hierbij niet overschreden. De rechtbank is van oordeel dat geen sprake is van een vormverzuim.
Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk met aftrek van het voorarrest passend en geboden is en zal dit aan verdachte opleggen. Dit voorwaardelijke strafdeel dient er toe verdachte ervan te weerhouden om in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen.

7.De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 57 en 312 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 13, 26 en 55 van de Wet wapens en munitie zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

8.Beslissing

De rechtbank:
Bewezenverklaring
- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
Strafbaarheid
- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:
feit 1:diefstal, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld, gepleegd tegen personen met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren;
feit 2:handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, meermalen gepleegd;
feit 3:handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;
feit 4:handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie;
- verklaart verdachte strafbaar;
Strafoplegging
- veroordeelt verdachte tot
een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar;
- bepaalt dat het voorwaardelijke deel van de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast, omdat verdachte voor het einde van de proeftijd de hierna vermelde voorwaarden niet heeft nageleefd;
- stelt als
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.M.J. Kok, voorzitter,
en mr. H. Skalonjic en mr. J.P.E. Mullers, rechters,
in tegenwoordigheid van S.T.C.J.M. de Jongh, griffier,
en is uitgesproken ter openbare zitting op 26 juni 2026.
Mr. Skalonjic is niet in de gelegenheid om dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage I: De tenlastelegging
1.
hij op 11 maart 2026 te [plaats 2], althans in Nederland een geldbedrag van € 620,-, in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan LIDL, in elk geval aan en ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [aangever 1] en/of [aangever 2] en/of LIDL gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- die [aangever 1] te vertellen 'give me the money' en/of 'taser' en/of 'give me the
money, give me the money' en/of 'open it, open it', en/of
- die [aangever 1] een taser, althans een stroomstootwapen, te tonen en/of deze bij
haar arm te houden, althans deze taser vast te houden, en/of
- meermaals, althans eenmaal, een elektrische stroomstoot op de bovenarm van die
[aangever 2] toe te dienen, en/of
-in de kassalade te graaien, geld te pakken en dit in zijn zakken te stoppen;
2.
hij op 11 maart 2026 te [plaats 2], althans in Nederland wapens, althans een wapen van categorie II, onder 5 van de Wet wapens en munitie, te weten
- een stroomstootwapen, merk Paral Yseur, en/of
- een stroomstootwapen, merk onbekend, type 801, en/of
- een stroomstootwapen, merk So’n Bu’u 80kv,
zijnde een voorwerp waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos konden worden gemaakt of pijn kon worden toegebracht voorhanden heeft gehad;
3.
hij op 11 maart 2026 te [plaats 2], althans in Nederland (een) wapen(s) van categorie I onder 2° van de Wet wapens en munitie, te weten - een opvouwbaar mes, merk CCCP model AK-47, en/of
- een mes, merk Hibben Knives, model Rabolll
voorhanden heeft gehad;
4.
hij op 11 maart 2026 te [plaats 2], althans in Nederland een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk een gasdrukwapen Glock 17 gen 5 voorhanden heeft gehad.