Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- mevrouw [persoon] , verpleegkundig specialist;
- de echtgenote van betrokkene.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene verblijft op de High Intensive Care van een zorgaccommodatie op grond van een crisismaatregel die door de burgemeester van Tilburg is afgegeven. De officier van justitie verzoekt de rechtbank om deze crisismaatregel met drie weken te verlengen.
Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, zijn betrokkene, zijn advocaat, een verpleegkundig specialist en de echtgenote van betrokkene gehoord. Betrokkene geeft aan dat hij de psychotische decompensatie als van een afstand heeft ervaren en dat de trigger de ziekte van zijn moeder was. Hij wil graag handvatten om toekomstige ontregelingen te voorkomen en staat open voor ambulante hulp.
De verpleegkundig specialist verklaart dat er geen onmiddellijk dreigend ernstig nadeel meer is en dat de ontregeling snel voorbij was. Betrokkene stemt in met ambulante hulpverlening. De advocaat voert aan dat niet wordt voldaan aan de wettelijke criteria voor voortzetting van de crisismaatregel. De rechtbank oordeelt dat vanwege het ontbreken van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel het verzoek moet worden afgewezen.
Uitkomst: Verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens ontbreken van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.