Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
- de officier van justitie;
- mevrouw [persoon] , casemanager van het ambulant VIP-team.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 27 mei 2026 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 2000 in Litouwen. Betrokkene lijdt aan een schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis die ernstig nadeel veroorzaakt, waaronder psychische schade en maatschappelijke teloorgang, met impact op haar zoontje. Eerder was een zorgmachtiging afgewezen, waarna betrokkene psychotisch decompenseerde met ernstige gevolgen.
Tijdens de zitting gaf betrokkene aan dat het momenteel beter gaat, zij medicatie gebruikt en haar afspraken nakomt. De casemanager van het ambulante VIP-team bevestigde het herstel, maar waarschuwde voor risico's bij het stoppen van medicatie en cannabisgebruik. De advocaat van betrokkene verzocht primair afwijzing van het verzoek en subsidiair toewijzing van een beperkte verplichte zorgvorm gericht op contact met het VIP-team.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene zorg nodig heeft om ernstig nadeel af te wenden en dat vrijwillige zorg onvoldoende is vanwege het risico op ontregeling. Daarom werd een zorgmachtiging verleend voor zes maanden, waarbij als verplichte zorg werd opgelegd dat betrokkene contact moet onderhouden met het ambulante VIP-team. Andere vormen van verplichte zorg, zoals medicatiecontrole, werden niet noodzakelijk geacht. De beschikking is op 27 mei 2026 mondeling gegeven en op 8 juni 2026 schriftelijk vastgesteld.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorg gericht op contact met het ambulante VIP-team.