ECLI:NL:RBZWB:2026:5712

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
29 mei 2026
Publicatiedatum
29 juni 2026
Zaaknummer
C/02/448511 / FA RK 26-2667
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • Borm
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel wegens bipolaire-stemmingsstoornis en gevaarlijk gedrag

Betrokkene verblijft sinds 25 mei 2026 in een psychiatrisch ziekenhuis op grond van een crisismaatregel afgegeven door de burgemeester van Goes. De officier van justitie verzoekt de rechtbank om verlenging van deze maatregel voor drie weken vanwege het risico op onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.

Tijdens de zitting verklaart betrokkene zich beter te voelen maar wil zij terug naar huis en weigert medicatie. De behandelaar licht toe dat betrokkene gevaarlijk gedrag vertoonde door tussen rijdende auto's te lopen, waarbij zij werd geraakt. Dit gedrag wordt toegeschreven aan een bipolaire-stemmingsstoornis, vermoedelijk veroorzaakt door slaaptekort en zorgen over haar kinderen. De kans op herhaling wordt als groot ingeschat.

De rechtbank oordeelt dat er sprake is van ernstig en onmiddellijk dreigend nadeel, waaronder levensgevaar en ernstig lichamelijk letsel. De crisismaatregel kan niet worden afgewacht en verplichte zorg is noodzakelijk, waaronder medicatie, medische controles, bewegingsbeperking en opname. Minder bezwarende alternatieven ontbreken. De machtiging wordt voor drie weken verlengd tot 19 juni 2026.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de crisismaatregel voor drie weken en wijst verplichte zorg toe om ernstig nadeel af te wenden.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/448511 / FA RK 26-2667
Datum uitspraak: 29 mei 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1992 in [geboorteplaats] , Oekraïne,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats 1] ,
thans verblijvend in [psychiatrisch ziekenhuis] te [plaats 2] ,
advocaat mr. P.M.J.T. Schumans uit Middelburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 26 mei 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 29 mei 2026. Daarbij waren aanwezig:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat, mr. Schumans;
- de heer [persoon 1] , behandelaar;
- [persoon 2] , verpleegkundige.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft op grond van nawerking van de crisismaatregel in [psychiatrisch ziekenhuis] te [plaats 2] . De burgemeester van de gemeente Goes heeft de crisismaatregel op 25 mei 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene geeft tijdens de zitting aan dat het ‘een stukje beter’ gaat. Betrokkene begrijpt niet waarom zij is opgenomen bij [psychiatrisch ziekenhuis] . Zij wil dan ook graag terugkeren naar huis. Verder geeft betrokkene aan dat zij geen behoefte heeft aan medicatie, maar aan haar kinderen.
4.2.
De behandelaar licht tijdens de zitting toe dat betrokkene tussen rijdende auto’s is gaan lopen of ervoor is gesprongen, waarbij zij door een auto is geraakt. Betrokkene had hierbij niet de wens om suïcide te plegen maar zij wilde zien hoe mensen hierop zouden reageren. Betrokkene is vervolgens opgenomen met een ontremde, versnelde en eufore stemming wat past bij een stemmingsstoornis. Volgens de behandelaar is de ontregeling vermoedelijk een direct gevolg van slaaptekort naar aanleiding van zorgen ten aanzien van haar kinderen. De behandelaar acht de kans op herhaling van gevaarlijk gedrag groot. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en zij staat niet achter de medicatie. De behandelaar acht het dan ook niet mogelijk de zorg in een vrijwillig kader voort te zetten.
4.3.
De advocaat wenst zich te refereren aan het oordeel van de rechtbank. Volgens betrokkene is haar gedrag niet te wijten aan een stoornis maar aan de situatie met haar kinderen.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige materiële schade;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
5.3.
De rechtbank neemt hierbij in overweging dat betrokkene tussen rijdende auto’s is gaan lopen waarbij zij door een auto is geraakt. Betrokkene vertelde aan de psychiater dat zei dit deed vanwege haar kinderen die uit huis zijn geplaatst. Tijdens de zitting is het de rechtbank gebleken dat de behandelaar de kans op herhaling van gevaarlijk gedrag hoog acht.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, te weten bipolaire-stemmingsstoornissen.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- opnemen in een accommodatie.
5.7.
De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de behandelaar tijdens de zitting gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
5.8.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en zij weigert een behandeling.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1992 in [geboorteplaats] , Oekraïne, wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.6. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
19 juni 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 29 mei 2026 door mr. Borm, rechter, in aanwezigheid van mr. De Keijzer, griffier en op schrift gesteld op 12 juni 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.