ECLI:NL:RBZWB:2026:5821
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen WOZ-waarde woning 2024 met vergoeding griffierecht wegens schending goede procesorde
Belanghebbende is eigenaar van een twee-onder-één-kapwoning uit 1995 met een gebruikersoppervlakte van 149 m2. De heffingsambtenaar stelde voor het belastingjaar 2024 een WOZ-waarde van €389.000 vast, waartegen belanghebbende bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank.
Tijdens de procedure bleek dat de heffingsambtenaar stukken te laat had ingediend, waaronder verweergronden en een waarderapport. De rechtbank oordeelde dat deze stukken buiten beschouwing moesten blijven vanwege schending van de goede procesorde. De overige stukken waren echter voldoende om de vastgestelde waarde te dragen.
Belanghebbende voerde aan dat onvoldoende rekening was gehouden met de staat van onderhoud en uitstraling van de woning, maar de rechtbank vond dat de waarde niet te hoog was vastgesteld. Het beroep werd ongegrond verklaard, waardoor de WOZ-waarde en de aanslag onroerendezaakbelasting gehandhaafd blijven.
Vanwege de schending van de goede procesorde moet de heffingsambtenaar het griffierecht van €51 aan belanghebbende vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter M.M. Dondorp-Loopstra en griffier W.M.C. Oomen.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard, de waarde blijft €389.000, en de heffingsambtenaar moet het griffierecht vergoeden.