ECLI:NL:RBZWB:2026:5963

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
25 juni 2026
Publicatiedatum
3 juli 2026
Zaaknummer
NL:TZ:0000450790:B001 (E)
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • Roose
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek machtiging schenking wegens ontbreken schenkingstraditie

De kantonrechter heeft op 25 juni 2026 uitspraak gedaan in een zaak waarin AvM Bewind & Mentorschap B.V. een machtiging verzocht om namens betrokkene een schenking te doen aan diens vijf kinderen. Betrokkene is wilsonbekwaam en kan zelf geen toestemming geven. Het levenstestament dat door de bewindvoerder is overgelegd, is incompleet en biedt geen duidelijkheid over de wens tot schenken.

De kantonrechter toetst het verzoek aan het landelijk beleid zoals vastgelegd in de Aanbevelingen Meerderjarigenbewind, Curatele en Mentorschap. Dit beleid vereist dat bij wilsonbekwaamheid een schenkingstraditie moet worden aangetoond. Uit de feiten blijkt dat betrokkene in 2021 een schenking heeft gedaan, maar in 2025 is geschonken door de zoons, zonder duidelijkheid of dit in opdracht van betrokkene was. Hierdoor is geen sprake van een schenkingstraditie.

Gezien het ontbreken van een traditie en de onduidelijkheid over het levenstestament, wijst de kantonrechter het verzoek af. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld door de verzoeker of andere belanghebbenden binnen drie maanden na uitspraak of betekening.

Uitkomst: Verzoek om machtiging schenking afgewezen wegens ontbreken schenkingstraditie en onduidelijkheid levenstestament.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Toezicht
Locatie Middelburg
toezichtnummer
:
NL:TZ:0000450790:B001
CBM-nummer
:
BM16880
beschikkingsnummer
:
1
datum
:
25 juni 2026

Beschikking van de kantonrechter

op verzoek van:
AvM Bewind & Mentorschap B.V.,
adres houdend te Postbus 2230, 4460 ME Goes,
Kamer van Koophandel-nummer 96910151,
hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:

[betrokkene],geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1947,wonende te [woonadres],hierna te noemen: betrokkene.

Procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van het verzoek (met bijlagen), ontvangen op
18 februari 2026.
Het verzoek is mondeling behandeld op 16 juni 2026.
Na de mondelinge behandeling is door de bewindvoerder, bij bericht van 16 juni 2026, het levenstestament, zoals dat bij haar bekend is, verstrekt.

Beoordeling

Verzoeker vraagt machtiging om een schenking te doen van € 6.908,- aan ieder van de vijf kinderen van betrokkene. Eén van de dochters weigert de schenking, maar ook voor haar wordt het verzocht, voor het geval zij zich bedenkt.
Bij de beoordeling van dit verzoek volgt de kantonrechter landelijk beleid, zoals vastgelegd in de Aanbevelingen Meerderjarigenbewind, Curatele en Mentorschap (vastgesteld door het LOVT op 3 april 2025). Aanbeveling B.J1 luidt – voor zover nu relevant – als volgt:
Voor schenkingen istoestemmingvan betrokkene nodig als hij zelf in staat is om beschikkingshandelingen uit te voeren (wilsbekwaam is) en dus zelf toestemming kan geven. Anders is eenmachtigingvan de kantonrechter nodig. Voor het geven van de kleine verjaardags- en sinterklaascadeautjes is geen machtiging nodig. Als betrokkene wilsonbekwaam is, kan een verzoek om te schenken alleen worden toegewezen als eenschenkingstraditiewordt aangetoond. Een schenkingstraditie kan blijken uit eerdere schenkingen van betrokkene in de periode voorafgaand aan het bewind (bijv. jaarlijkse donaties aan bepaalde goede doelen, in meerdere jaren schenking aan kinderen van groter omvang dan regulier verjaarscadeau).
Op grond van hetgeen ter zitting besproken is, stelt de kantonrechter vast dat betrokkene niet meer zelf in staat is toestemming te geven voor de beoogde schenkingen. Daarmee komt de kantonrechter toe aan de vraag of het door de bewindvoerder toegezonden levenstestament uitsluitsel biedt. Dat is niet het geval. Het door de bewindvoerder verstrekte document lijkt incompleet en de vraag is of alle pagina’s wel gepasseerd zijn. Bij deze stand van zaken kan de kantonrechter niet met zekerheid vaststellen of de wens om te schenken uiteindelijk definitief vastgelegd werd, althans kon worden.
Het voorgaande betekent dat er gekeken moet worden naar het bestaan van een traditie. Gebleken is dat er tweemaal aan de kinderen is geschonken, in 2021 en in 2025. Wat betreft de schenking in 2021 moet ervan uitgegaan worden dat betrokkene deze zelf heeft gedaan, of daartoe opdracht heeft gegeven. De schenking in 2025 is gedaan door de twee zoons van betrokkenen, waarbij niet kan worden vastgesteld of de zoons op dat moment in opdracht van betrokkene handelden. De kantonrechter kan dus slechts vaststellen dat betrokkene eenmalig zelf geschonken heeft, waardoor niet gesproken kan worden van een traditie.
De slotsom is dat het verzoek zal worden afgewezen.

Beslissing

De kantonrechter wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. Roose, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 25 juni 2026.
Tegen deze beschikking kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.