Uitspraak
- het proces-verbaal van de zitting in deze zaak van 12 maart 2025;
- de in deze zaak gegeven beschikking van deze rechtbank van 17 april 2025 en alle daarin genoemde stukken;
- het resultatenformulier Uniform Hulpaanbod (UHA) van 17 april 2025;
- het e-mailbericht van de procesregisseur van de [werkgever] van 17 september 2025, met bijlage;
- de brief van de Raad van 15 oktober 2025;
- de brieven van mr. Jansen van 13 en 16 februari 2026 over een akte non-appèl;
- de F9-formulieren van mr. Kandemir van 22 en 23 april 2026, met bijlagen;
- het F9-formulier van mr. Jansen van 26 april 2026, met bijlagen.
.Tijdens de zitting heeft de rechtbank samengevat wat [minderjarige] heeft verteld.
2.De verzoeken
- te bepalen dat de man samen met de vrouw met het ouderlijk gezag over [minderjarige] wordt belast;
- een zorgregeling/omgangsregeling tussen de man en [minderjarige] vast te stellen, waarbij [minderjarige] één keer in de twee weken van vrijdag uit school (15.00 uur) tot en met zondagavond (19.00 uur) bij de man verblijft, dan wel gedurende de zomertijd tot en met zondag 19.00 uur en gedurende de wintertijd tot en met zondag 17.00 uur, waarbij de man [minderjarige] op vrijdagmiddag bij de school ophaalt en haar op zondagavond terugbrengt bij de school,
- carnavalsvakantie: [minderjarige] verblijft in de even jaren van vrijdag na school tot de zondag de week daarop tot 12.00 uur bij de man en in de oneven jaren bij de vrouw;
- meivakantie: [minderjarige] verblijft in de oneven jaren de eerste week van vrijdag na school tot de zondag de week daarop tot 12.00 uur bij de man en in de tweede week van zondag 12.00 uur tot zondag 12.00 uur bij de vrouw en in de even jaren andersom;
- zomervakantie: [minderjarige] verblijft in de even jaren in de weken 1, 2 en 3 van vrijdag na school tot zondag 12.00 uur bij de vrouw en in de weken 4, 5 en 6 vanaf zondag 12.00 uur tot zondag 12.00 uur bij de man en in de oneven jaren andersom;
- herfstvakantie: [minderjarige] verblijft in de even jaren van vrijdag na school tot de zondag de week daarop tot 12.00 uur bij de vrouw en in de oneven jaren bij de man;
- kerstvakantie: [minderjarige] verblijft in de oneven jaren de eerste week van vrijdag na school tot zondag 12.00 uur bij de man en de tweede week van zondag 12.00 uur tot en met zondag 12.00 uur bij de vrouw en in de even jaren andersom;
- een omgangsregeling/zorgregeling tussen de man en [minderjarige] te bepalen, waarbij de man en [minderjarige] contact hebben gedurende een weekend per veertien dagen van vrijdag 15.00 uur tot zondag 17.00 uur, waarbij de man [minderjarige] bij de school ophaalt en terugbrengt, en daarnaast gedurende de helft van alle schoolvakanties en feestdagen conform de regeling zoals die is bepaald in de beschikking van deze rechtbank van 17 april 2025;
- te bepalen dat de man als bijdrage in de kosten van de verzorging en opvoeding van [minderjarige] dient te voldoen een bedrag van € 250,= per maand, met ingang van 1 augustus 2023, steeds bij vooruitbetaling aan de vrouw te voldoen, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bijdrage.
3.De beoordeling
4.De beslissing
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.