Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
2.Wat vaststaat
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
6.De beslissing
tot en met 9 januari 2028.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 9 januari 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, die lijdt aan een bipolaire stemmingsstoornis en andere neurocognitieve problemen. De machtiging is verleend voor de duur van twee jaar, aansluitend op een eerdere machtiging die liep tot 30 januari 2026.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat betrokkene ondanks verbetering nog steeds last heeft van manische depressiviteit en dat vrijwillige zorgacceptatie niet altijd mogelijk is. De behandelaar en mentor bevestigden dat betrokkene in goede periodes vrijwillig medicatie accepteert, maar in manische periodes weerstand biedt en agressief gedrag kan vertonen.
De rechtbank oordeelde dat er sprake is van ernstig nadeel door de stoornis, waaronder zelfverwaarlozing en overlast. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven voor verplichte zorg. De toegewezen zorg omvat medicatietoediening, medische controles en beperkingen in de vrijheid, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen.
De machtiging is verleend voor de maximale duur van twee jaar, conform artikel 6:5 sub c Wvggz Pro, omdat betrokkene de afgelopen vijf jaar onafgebroken verplichte zorg heeft ontvangen. De rechtbank houdt rekening met de spanningen die betrokkene ervaart bij jaarlijkse verzoeken en verwacht dat vrijwillige zorgacceptatie voorlopig niet volledig zal plaatsvinden.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twee jaar met verplichte zorg aan betrokkene vanwege zijn bipolaire stoornis en het ontbreken van vrijwillige zorgacceptatie.