Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
feit 2:zich op 20 december 2025 schuldig heeft gemaakt aan wederrechtelijke vrijheidsberoving van drie kinderen;
feit 3:zich op 19 december 2025 schuldig heeft gemaakt aan diefstal van een personenauto met een valse sleutel dan wel die personenauto geheeld heeft;
feit 4:op 17 december 2025 meerdere tassen heeft weggenomen;
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
op 20 december 2025 te [plaats] , op een besloten erf waarop een woning stond, te weten het erf gelegen aan de [adres 2] , alwaar verdachte zich buiten weten van de rechthebbende bevond, een personenauto van het merk BMW, die aan [aangever 1] toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
op 17 december 2025 te Breda meerdere tassen en een groen jack, die aan [aangever 2] toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om deze zich wederrechtelijk toe te eigenen.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De vordering(en) van de benadeelde partij(en)
[benadeelde 2] , [benadeelde 3] en [benadeelde 4], allen minderjarig, vordert hun ouder, [aangever 1] , een immateriële schadevergoeding van
8.De vordering tenuitvoerlegging
9.De wettelijke voorschriften
10.Beslissing
spreekt verdachte vrijvan de onder 2 en 3 ten laste gelegde /feiten;
een gevangenisstraf van 180 dagen, waarvan 56 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
[aangever 1]van € 8.721,20, aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 20 december 2025 tot aan de dag der voldoening;
[aangever 1],
€ 8.721,20te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 20 december 2025 tot aan de dag der voldoening;
68 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
[benadeelde 2] , [benadeelde 3]en
[benadeelde 4]niet-ontvankelijk in hun vorderingen en bepaalt dat deze vorderingen bij de burgerlijke rechter kunnen worden aangebracht;
[benadeelde 1]niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
hij op of omstreeks 20 december 2025 te [plaats] , in een woning en/of op een besloten erf waarop een woning stond, te weten het erf gelegen aan de [adres 2] , alwaar verdachte zich buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevond, een personenauto van het merk BMW, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever 1] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
( art 311 lid 1 ahf Pro/sub 3 Wetboek van Strafrecht )
hij op of omstreeks 20 december 2025 te [plaats] opzettelijk drie kinderen (te weten [benadeelde 2] , [benadeelde 4] en [benadeelde 3] ) wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en/of beroofd gehouden, door in de auto van [aangever 1] , waarin die kinderen achterin zaten, te stappen en daarmee weg te rijden;
( art 282 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht )
hij op of omstreeks 19 december 2025 te Breda een personenauto van het merk Link & Co, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde 1] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft
weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of die weg te nemen auto onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming en/of door een valse sleutel (een sleutel tot het gebruik waarvan verdachte niet gerechtigd, gemachtigd en/of bevoegd was);
( art 311 lid 1 ahf Pro/sub 5 Wetboek van Strafrecht )
( art 416 lid 1 ahf Pro/ond a Wetboek van Strafrecht )
hij op of omstreeks 17 december 2025 te Breda één of meerdere tassen en/of een (groen) jack, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever 2] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft
weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
( art 310 Wetboek Pro van Strafrecht )