Uitspraak
1.De procedure
- het extract audiëntieblad rolzitting d.d. 17 december 2025 met bijlagen
- de akte van [eiser]
- het extract audiëntieblad rolzitting d.d. 28 januari december 2026.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De eiser verhuurde vanaf april 2015 tot en met september 2023 woonruimte aan de gedaagde voor €330 per maand. De gedaagde betaalde gedurende een periode de huur niet, waardoor een huurachterstand ontstond. De eiser vorderde betaling van €11.540,00 plus rente en kosten.
De gedaagde erkende de betalingsachterstand, maar betwistte de hoogte en stelde dat zij in 2023 en 2024 deelbetalingen had gedaan die in mindering moesten worden gebracht. De kantonrechter oordeelde dat de deelbetalingen van in totaal €2.200,- door de eiser waren erkend en correct waren verrekend met de bestaande huurachterstand, die niet verjaard was.
Het verweer van de gedaagde dat de deelbetalingen niet op de oude schuld mochten worden verrekend wegens verjaring werd verworpen. Daarnaast werden de buitengerechtelijke incassokosten van €877,38 toegewezen, omdat de eiser aan de wettelijke vereisten had voldaan. De gedaagde werd veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, incassokosten, rente en proceskosten.
Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, incassokosten, rente en proceskosten.