Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
lamellar hole(
de rechtbank begrijpt: een gedeeltelijk gat in het netvlies). Uit de LOEF-rapportage volgt dat dit letsel het meest waarschijnlijk is veroorzaakt door stomp botsend geweld. Getuige [persoon 1] heeft verklaard dat verdachte begin 2024 ‘het licht uit haar ogen had geslagen’. Voorts heeft [persoon 1] verklaard dat [slachtoffer] hem had verteld dat zij urenlang op een stoel had moeten zitten en zij op dat moment door verdachte tegen haar hoofd werd geslagen. Daarnaast heeft [persoon 1] verklaard dat hij heeft waargenomen dat [slachtoffer] blauw geslagen ogen had. Over het gezichtsverlies heeft verdachte verklaard dat hij ervan op de hoogte was dat het gezichtsvermogen van [slachtoffer] de afgelopen jaren achteruit is gegaan.
lamellar holeopgelopen. Dit betreft een beschadiging aan een essentieel onderdeel van het gezichtsvermogen. Het letsel heeft geleid tot blijvende dan wel langdurige visuele klachten. [slachtoffer] heeft verklaard dat haar zicht is verminderd en dat zij daarvan tot op heden hinder ondervindt. Uit de medische stukken volgt dat zij hiervoor specialistische oogheelkundige behandeling heeft ondergaan en dat zij aan haar rechteroog is geopereerd. Ten aanzien van het herstelperspectief volgt uit de LOEF-rapportage dat het uiteindelijke herstel van het vermogen om scherp te zien moet worden afgewacht. Ook geruime tijd na het ontstaan van het letsel bestaan nog klachten en is niet duidelijk in hoeverre het gezichtsvermogen volledig zal herstellen.
in de periode van 01-10-2023 t/m 03-01-2026 te [plaats 2] aan een ander, te weten [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten verminderd zicht in een
oog heeft toegebracht, door die [slachtoffer] meermalen tegen het oog, althans tegen het hoofd, te slaan;
in de periode van 05-04-2024 t/m 03-01-2026 te [plaats 2] meermalen [slachtoffer] heeft mishandeld, door die [slachtoffer] :
- tegen het hoofd en lichaam te slaan en schoppen en
- in de keel te knijpen en
- aan de haren te trekken;
op 20 december 2025 te [plaats 2] met een persoon, te weten [slachtoffer] een seksuele handeling die bestond uit het seksueel binnendringen van het lichaam heeft verricht, te weten het brengen en houden van vingers in de vagina van die [slachtoffer] terwijl hij, verdachte, wist dat bij die [slachtoffer] daartoe de wil ontbrak.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De vordering van de benadeelde partij
9.De vordering tenuitvoerlegging
10.De wettelijke voorschriften
11.Beslissing
een gevangenisstraf van 36 (zesendertig) maanden, waarvan 6 (zes) maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 (twee) jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
maximaal zes maandenof zoveel korter als de reclassering nodig acht;
rechtswege geldende voorwaardendaarbij zijn:
2 (twee) jaren op geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen of zoeken met slachtoffer [slachtoffer] , geboren op [geboortedag 2] 1973;
2 (twee) jaren zich niet zal ophouden in de navolgende gebieden: [plaats 1] , [plaats 2] en [plaats 4] ;
2 (twee) weken voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een maximum van 6 (zes) maanden;
wijst de vordering van de benadeelde partij voor het bedrag van € 18,82 (reiskosten ten behoeve van de rechtbank) af;
- veroordeelt verdachte in de proceskosten van de benadeelde partij, te weten € 864,00;
onttrokken aan het verkeerde volgende voorwerpen:
ten uitvoer zal worden gelegd, te weten een
gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) weken.