Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van 3 jaar;
[slachtoffer 2]van € 2.000,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 11 januari 2026 tot aan de dag der voldoening;