Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
geweld heeft gepleegd tegen [benadeelde] door:
- voornoemde [benadeelde] meermalen, tegen het lichaam te trappen/schoppen, terwijl voornoemde [benadeelde] , al dan niet bewusteloos, op de grond lag.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij
[benadeelde]vordert een schadevergoeding van
€ 5.000,=voor onderhavig feit.
8.De wettelijke voorschriften
9.Beslissing
een werkstraf van 40 uren voorwaardelijk met een proeftijd van 1 jaar;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast van
20 dagen;
[benadeelde]niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
- voornoemde [benadeelde] meermalen, althans eenmaal, met kracht op/tegen de benen en/of het lichaam te trappen/schoppen, terwijl voornoemde [benadeelde] , al dan niet bewusteloos, op de grond lag en/of
- een of meer onbekend gebleven perso(o)n(en) te slaan en/of te stompen;
(Artikel art 141 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 141 lid 2 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht)